Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

visschen. Voor deze namen vindt men ook nog in sommige almanakken bepaalde teekens. Deze teekens zijn zeer oud. Men heeft ze o. a. teruggevonden op oud-Egyptische monumenten, terwijl zij ook aan de Grieken bekend waren. Men vermoedt, dat ze aan de Chaldeën ontleend waren.

Bepalen wij ons thans, na deze noodige uitweiding over den zonneweg met zijn „teekens", tot de „sterrenbeelden" in ieder van de drie hoofdafdeelingen van het hemelgewelf. Zij daarbij nog herinnerd, dat deze „beelden" niet anders zijn dan groote groepen van vaste sterren, en dat de namen, door de menschen aan die groepen gegeven, ontleend zijn óf aan de heidensche religie der oude volkeren, die zich met sterrenkunde bezighielden, óf betrekking hebben op het natuurleven, in verband met den landbouw en de jacht. Het „beeld" dat men zich bij zulk een groep van vaste sterren denkt, is niet anders dan een voortbrengsel van de menschelijke verbeelding. „Beren" en „zwanen" vertoonen zich evenmin aan den hemel als „jonkvrouwen" en „schutters".

Aan den noordelijken hemel dan, of het noordelijk halfrond, had men reeds in de oudheid de vaste sterren verdeeld in 21 sterrenbeelden, en daaraan de namen gegeven, die wij nog gebruiken. Het meest bekende is de Groote Beer of de groote Hemelwagen, het sterrenbeeld van zeven sterren, dat bijkans ieder aan den hemel weet aan te wijzen. Van daar gaat men dan ook gewoonlijk uit om de andere „beelden" te vinden. Men heeft hier drie en vier sterren, die altijd zich saam vertoonen. Trekt men nu van de 6de naar de 7de, de twee „achterwielen" van den z.g. „wagen", in gedachte een rechte lijn en verlengt deze vijfvoudig, dan komt men vanzelf aan het sterrenbeeld: „de Kleine Beer", welks 7 sterren juist in omgekeerde orde: vier en drie, zich vertoonen, en de ster in dat beeld, waarbij de vijfmaal verlengde lijn dan uitkomt, is de schitterende, groote Poolster. Van daar kan men dan op dezelfde wijze, en met behulp van een sterrenkaart, de andere sterrenbeelden vinden.

In den dierenriem, zoo straks door ons beschreven, bevinden zich 12 sterrenbeelden, wier namen overeenkomen met de reeds genoemde „12 teekenen van den dierenriem". Vóór ongeveer 2000 jaren vielen de plaatsen dezer „teekenen" met de plaatsen der gelijknamige „sterrenbeelden" samen. Thans is het gelijknamige sterrenbeeld steeds bij het volgende hemelteeken te zoeken. Het sterrenbeeld „de visschen" b. v. in het teeken van „den ram": het sterrenbeeld „de ram" in het teeken van „den stier". De verklaring van dit zonderlinge verschijnsel kan eerst later bij de behandeling van het „zonnestelsel" worden gegeven. Hier zij nog genoemd het sterrenbeeld de Stier, waarin een meer afzonderlijke groep weer bekend is als de Pleiaden of het Zevengesternte, waaronder weer Alkyone de schitterendste is.

Tot de „sterrenbeelden" van den zuidelijken hemel rekende men reeds in de oudheid 15. Dat men toch in het noordelijk halfrond der aarde, althans een deel, van de sterren aan den zuidelijken hemel

Sluiten