Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i

heeft. Evenals onze aarde en de andere planeten, draait ook zij zich om haar as en ontvangt daarbij, als ze zich naar de zon keert, van deze haar licht. Het merkwaardigste van deze planeet zijn wel haar z.g. schijngestalten of phasen, evenals bij onze maan, doch bij Mercurius alleen waar te nemen door middel van kijkers.

Geen ster is zoo dikwijls bewonderd en door dichters bezongen als de planeet Venus, de „morgen-" en „avondster". In zijn „Planeten" zingt Ten Kate van haar:

„ U juich ik 't welkom tegen,

Gij star van zilvren gloed,

Op lager pelgrimswegen Zoo vaak en blij begroet!

Nu — bode van den Morgen,

Die wekt tot moed en kracht,

Dan — slissende alle zorgen,

Heraute van den Nacht!

Gij steekt, des blijden glorens Niet moede, uw feestlamp aan;

Of bootst, met blanke horens,

De sikkel na der Maan!'

In gewone almanakken kon men in het jaar waarin dit geschreven werd (1902) lezen: „De planeet Venus is tot het midden van Februari avondster. Den 15den Februari in samenstand komend, wordt zij onzichtbaar en daarna morgenster."

Terwijl dan nog verder vermeld werd, dat de planeet, in 't laatst van November in samenstand komend, onzichtbaar werd, en daarna als avondster in December korten tijd na zonsondergang zichtbaar zou zijn.

Venus is de zeer witte, heldere, prachtige ster, die wij vijf maanden van het jaar in het westen in de schemering als avondster, en vijf maanden in het oosten vóór het opkomen der zon als morgenster kunnen zien schitteren. Haar helderheid overtreft die van Sirius. Haar baan om de zon, die slechts een hoek van ruim 30 met de ecliptica vormt, en meer tot den cirkel nadert, is grooter dan die van Mercurius, maar kleiner dan die der aarde. Venus beschrijft die baan in ongeveer 225 dagen, maar, van onze aarde gezien, in ongeveer 584. Bij haar benedenste conjunctie of samenstand nadert zij de aarde het dichtst, om bij haar bovenste conjunctie zich het verst van haar te verwijderen. Gelijk onze maan, van „nieuwe maan" tot „volle maan", voortdurend toeneemt en weer afneemt tot „nieuwe maan", zoo ook Venus. Bij haar bovenste conjunctie {vol-Venus), wordt zij slechts dan zichtbaar, wanneer zij vóór de zonneschijf voorbijgaat, en als een kleine zwarte kringvormige schijf daarop haar schaduw werpt. Dit geschiedt echter slechts tweemaal in iedere eeuw. Voor haar benedenste conjunctie is Venus avondster (Hesperus), na deze morgenster (Lucifer). Kort vóór

Sluiten