Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE EIGENDOM. — CONTRACT.

Toch heeft verbintenis ook een ruimer zin.

Wij menschen staan reeds door Gods schikking, onafhankelijk van onzen wil, tot elkander in een verbintenis; zijn aan elkander verbonden door wederzijdsche rechten of bevoegdheden en verplichtingen ook van gansch anderen dan van vermogensrechtelijken aard. Ouders b.v. iiebben de bevoegdheid, gehoorzaamheid van hun kinderen te eischen, sn kinderen de verplichting, die gehoorzaamheid te betoonen.

Ook dient er hier nog, als in het voorbijgaan, op gewezen, dat het ivoord obligatie, behalve den zin van verbintenis, ook en met name in de zedekunde, de beteekenis heeft van verplichting. Men maakt Jaar toch een onderscheid tusschen plicht (officium) en verplichting obligatie). Plicht is de door de zedewet geboden wijze van willen en ïandelen. Verplichting de door de zedewet geboden wijze van handelen jegens een ander. Naar deze onderscheiding hebben wij dan plichten jegens ons zelf en verplichtingen jegens onzen medemensch.

De verplichting beantwoordt aan een bevoegdheid, een recht.

Niet onjuist is in dezen gedachtengang dan ook de opmerking, dat ander menschen verplichtingen te hebben zonder wederkeerige rechten, slavernij, en rechten uit te oefenen zonder wederkeerige verplichtingen, iespotisme is.

Tot de verbintenissen nu, die ontstaan door wederzijdsche bewilliging, behoort als een ondersoort het contract.

Als een ondersoort, want bij het contract beweegt men zich altijd op het gebied van het vermogensrecht. Hier gaat het om zaken, waarvan de waarde in geld is te bepalen.

Daarom verdient het dan ook geen aanbeveling, van ieder verdrag of verbond als van een contract te spreken. Dit toch is onjuist en in sommige gevallen ook onteer.

Is nu een verbintenis, naar wij zagen, een band, een bindende betrekking tusschen twee of meer personen, krachtens welke de een jegens den ander tot iets verplicht, deze tegenover gene tot iets gerechtigd is; en vis zulk een, op het gebied van het vermogensrecht, door bewilliging ontstane verbintenis een contract, — dan ligt daarin reeds opgesloten de definitie of de bepaling van het contract; m. a. w. wat het contract is.

Het contract is dan een door wederzijdsche wilsverklaring tot stand gekomen verbintenis van twee of meer personen, krachtens welke op het gebied van het vermogensrecht de eene partij jegens de andere tot iets verplicht, deze tegenover gene tot iets gerechtigd is.

De uitdrukking „wederzijdsche wilsverklaring", in deze definitie opgenomen, sluit in zich de „wederzijdsche bewilliging."

Wanneer toch de twee partijen er wederzijds in bewilligen, met hun tot wil geworden begeerte er in toestemmen om iets te doen of niet te doen, of te geven, dan moeten zij dit, wijl dat willen zich door woord of teeken openbaren moet, verklaren.

Sluiten