Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1. De misdrijven van dit artikel plegen zij die kiezers omkoopen en kiezers die zich laten omkoopen. Zuiver taalkundig' is omkoopen door koopen doen veranderen van voornemen, evenals ompraten is door redeneering doen veranderen van voornemen of meening, welke beteekenis zich aansluit bij de niet overdrachtelijke van omkeeren, omwenden enz. Daarbij is dus altijd eene verandering noodig, en men kan iemand eigenlijk niet omkoopen om iets te doen dat hij toch gedaan zou hebben.

Het begrip komt niet alleen hier. maar ook bij art. 177 en 178. en wederom bij art. 302 en volgende ter sprake.

Reeds hier identifieert de Memorie van toelichting de omkooping van de kiezers met het koopen van stemmen, dat eenvoudig is het ontnemen aan den kiezer van de beschikking over zijne stem, waarbij de kiezer zich enkel verbindt te stemmen zooals hem wordt voorgeschreven , ook al komt het voorschrift met zijnen wensch en zijne bedoeling overeen. Uit de tegenstelling van art. 126 met 177 en 178. waar niet van omkooping maar van het doen van giften en beloften gesproken wordt, mag niet worden afgeleid dat in art. 126 wel, in ' • 7 en 178 niet het doen veranderen van voornemen is bedoeld. Want in laatstgenoemde artikelen is volgens de Memorie van toelichting met voordacht het woord „omkooping" vermeden, niet ter wille van die tegenstelling, maar omdat het begrip van omkooping de aanneming van het gebodene insluit en men reeds de enkele aanbieding strafbaar wilde stellen. Ook hier is dus niet noodig dat men zonder de gift of belofte niet verkregen zou hebben wat men door haar wenscht te verkrijgen, al zou in art. 177, waar bepaaldelijk van handelingen in strijd met den plicht van den ambtenaar gesproken wordt, dit nog ondersteld kunnen worden, omdat men in het algemeen niet verwachten kan dat de ambtenaar in strijd met zijnen plicht handelen zal: in art. 178 is van dien strijd echter niets te vinden.

Door de geheele toelichting van art. 177 en 178 heen wordt steeds van omkooping gesproken. En bij art. 162 wordt reeds strafbaar gesteld de ambtenaar die eene gift of belofte aanneemt, wetende dat zij hem gedaan wordt tot het verkrijgen van iets dat niet in strijd is met zijnen plicht. Daarvoor is zelfs niet noodig dat de ambtenaar eenige verbintenis aangaat; toch wordt ook dit ambtsmisdrijf blijkens de Memorie van toelichting op art. 177 en 178 beschouwd als geheel in verband staande met omkooping.

' it een en ander mag worden afgeleid dat de wetgever het ommaken van den kiezer of den ambtenaar niet als een element van omkoopen beschouwt, en dit woord bezigt in den zin van bekoopen 1).

11 Hooge Raad l.i Juni 18(10, \VI>1. 08'-'4. Anders 1'olenaar en Heemskerk.

Sluiten