Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan grootere eenvoudigheid de voorkeur gegeven hebben. Wat heeft Noordbrabant gedaan?

„Elke provinciale huishouding kan, meent de spreker, eene bijzondere inrichting vorderen." Het college van Gedeputeerde Staten is met de provinciale griffie het provinciaal ministerie van Binnenlandsche Zaken. Zonder in iedere bijzonderheid te treden kan mijn Departement, met de ondervinding, die wij bezitten, de behoefte zeer wel waardeeren. Het provinciaal huishouden is niet zoo verborgen, niet in die mate een geheim, dat het niet dan door de Gedeputeerde Staten of door den Commissaris des Konings zou te kennen zijn.

De commies bij de provinciale griffie is, zegt de heer van Kuyk, hetgeen de referendaris is bij een Departement van algemeen bestuur. Het is zoo, de commies is de chef de bureau, maar wil men een bureau bij eene provinciale griffie gelijk stellen met een bureau bij het Departement van Binnenlandsche Zaken?

Wij wachten lang, zegt de spreker, op mededeeling van het resultaat van de jongste tienjarige volkstelling. Mij dunkt, veel te lang. Waaraan is dat te wijten? Aan eene niet voldoende bezoldiging van de ambtenaren der provinciale griffie? Noch die ambtenaren over het algemeen, noch die bezoldigingen hebben daarmede iets te maken; voor de berekeningen ten behoeve van het ordenen der uitkomsten van de volkstelling is een afzonderlijk personeel aan de provinciale bureaux toegevoegd. Maar men pluist uit; dat kost veel tijd.

Artikel 9. Jaarwedden van den commissaris, gedeputeerde staten, en ambtenaren ter griffie in Gelderland. Amendement van den heer van Kuyk, op den post 1000 gulden meer uit te trekken, ten einde den minister de gelegenheid te geven, sommige bezoldigingen te verhoogen.

Is er ééne goede reden om dezen post, die de jaarwedden van den commissaris des Konings, van de leden van Gedeputeerde Staten, van de ambtenaren en bedienden bij de provinciale griffie, alsmede schrijfloonen omvat, voor Gelderland met f1000 te vermeerderen, zonder in aanmerking te nemen, in hoeverre dergelijke behoefte in andere provinciën besta? Zou dat er door kunnen? Het is waar, de Staten van Gelderland hebben sedert jaren, niet alleen voor hunne ambtenaren ter griffie, maar ook voor den griffier, en ik meen zelfs voor den Commissaris des Konings vermeerdering van tractement aangevraagd. Eene edele volharding in eigen zaak. Maar is het genoeg, dat met onvermoeide volharding verlangd worde? Men dient de gronden te kennen waarop.

Wanneer nu de geachte spreker aan den Minister vraagt: kent gij in allen deele den omvang van het bureauwerk in de provinciale griffiën, dan zou de Minister met meer recht kunnen vragen: is dat bij de Kamer bekend?

Verhooging, met zoo ongelijke behandeling, schijnt mjj in geen

Sluiten