Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

p

1

200 Wy zyn niet gewoon zo ceromonieel ontfangen te worden:

hoo komt dat zo? Lichtli. Papa, we moeten u onze blydschap betuigen wegens uw geluk: Neef Losbol en de Vrouwen hadden reeds hun danskleèren aan, toen 't ons kwam ter ooren. Nu verlangden wy naar uwe t'huiskomst om onzen pligt by u af te leggen naar behooren. Ern3t. Daar zullen wy strak van spreoken gy zyt nu tot danssen

gereed.

Dat gaat vóór: maar zyt gy niet bang voor de Dienders ? Lichth. Och ja! zo bang dat ik 'er van zweet

205 Wanneer ik 'er maar om donk.

Ernst. Daar zitten 'er twee op den stoep: pas op

niet buiten do deur to komen. Lichth. Ik zal 'er wel voor zorgen. Maar, Papa, als gy my redden

wilt lieb ik niets meer te schroomen. Ei, zond Joris naar Rykert, en laat hom zeggen dat gy

hem morgen betaalen zult. Ernst. Zouden wy uw' Wissel betaalen! gantsch niet: voldoe uw'

eigen schuld.

Lichth. Wel, Papa, je bent immers nu ryk genoeg: hoe ken je zo

wonderlyk weezen? 210 Gy zult ons niet verlaaten: gy hebt ons wel meer geholpen

voordeezen.

Ernst. Daar heb ik berouw genoeg van gehad: daar heb je me

slecht genoeg voor beloond. Lichth. Ei, help ine nog ééns uit den nood: ik bid u dat gy my

die gunst betoont. Losbol, tegen Hendrik. Papaatje, betaal morgen myn' Harddraver

maar, dan zult gy my vcrblyën. Hendrik. In hoe korten tyd zou jo daar wel meê naar Yianen

kunnen ryën?

215 Losbol. Dat weet ik niet, Papa.

Hendrik. Wel, probeer het eens met hot opengaan

van de poort.

Eer jo in arrest raakt.

Losbol. Wel, Papa, hoe ben je zo verstoord?

Geduurende dit gesprek worden de i>iramides met banket en confituur en door de banketbakkers knegts en anderen over het Tooneel gedragen en op een tafel, die in een' hoek staat, gezet.

Ernst. Men kan hier in vryheid niet spreeken. Hoe zwerven

hier zoveel lianssen?

Sluiten