Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar bitt're werking ook doen voelen Aan Walch'rens Wester-duyne kant.

5 Meer Oostelyk als d' and're Steeden,

Heeft Yeere raind're schaê geleeden,

Dog hoorde d'yselyke wind,

En waar zyn harten zonder schroomen Wanneer m' in noodweer op de stroomen 10 Of Vader weet of Man of Kind?

Maar niemand heeft in deese wallen Met meerder angst den avondstond In zwarte wolk zien nedervallen Als gy, deudgryke Rosemond! 15 't Is juist agt jaaren thans geleeden, Dat Rosemond, beroemd, door zeoden,

Haar Trouw, de Lange, aan u verbond Dat gy, gelukkigst' aller menschen, Genoot het toppunt uwer wenschen 20 In 't bly bezit van Rosemond.

't Is waar, wanneer de Lente-dagen

Met d' eerste blyk van Sonne gloed, Verdwynen doen de winter-vlagen, En 't licht herzoekt de Noordse Vloed, 25 Dat jaarlyks uwe nyv're zorgen

U maanden lang voor 't oog verborgen

Van uwe Vrouw en Huys-gezin;

Maar welke vreugd' in na-jaars tyden, Als Vader Huys en Vrouw verblyden 30 En voeden kwam door syn gewin!

Hoe vrolyk gleeden dan all' uuren Van 't weer vereende jonge Paar,

Als in de kou by goede vuuren Sy tellen overwinst van 't jaar, 35 Als, zamen aan den disch gezeeten Na vroeg en maatig avond-eeten,

In 't langzaam naad'ren van de nacht, Sy hem verhaalt, wat kinders zeyden, Die om syn afzyn dikwyls schreyden, 40 En welke troosten zy bedacht, —

Of wel als hy in Kers-tyds rusten

Op Zee-caart toont aan Rosemond,

Waar deese reys op Groenlands Kusten De beste Nering zich bevond:

Sluiten