Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er waren er echter betrekkelijk weinig, die over Huet dachten als Potgieter, en toen hij zijn psychologischen, maar voor dien tijd zedekwetsenden roman

Lidewyde (1868)

had uitgegeven, brak er een storm van verontwaardiging over hem los. Huet voelde zich hier niet meer op zijn plaats en vertrok naar Indië, waal" hij eerst redacteur werd van den Java-bode, en later een eigen dagblad van Hed. Indië stichtte. Voor de opvoeding van zijn zoon keerde hjj in 1876 naar Europa terug. Hij vestigde zich te Parijs, waar hij in 1886 overleed.

Onvermoeid werker als hij was, bleef hij tot aan zijn dood voortgaan met inspannenden letterkundigen en historischen arbeid. De vruchten van dezen arbeid zijn gedeeltelijk neergelegd in een zeer groot aantal critische opstellen, later verzameld uitgegeven onder den naam:

Lltterarische Fantasten en Kritieken,

waarin hjj in boeienden, meesleependen stijl nieuwe, interessante beschouwingen geeft niet alleen over Nederlandsche letterkundigen van vroegeren en lateren tijd, maar ook over verschillende litteraire genieën uit 't buitenland. Zonder aanzien des persoons gaat hij daarbij te werk; apprècieerend waar hij kan, maar niet bang om het verkeerde of minderwaardige aan te wijzen in hen , die voor onaantastbaar golden; zijn stijl is los, bevallig en geestig als die van een Franschman, vol nieuwe en treffende vergelijkingen, en daardoor boeiend en prikkelend tot nadenken. Mag hem al eens het verwijt treffen de waarheid een enkele maal op te offeren aan een geestigen zet, is hij niet altijd van oppervlakkigheid vrij te pleiten, en heeft hij velen door schijnbare harteloosheid van zich vervreemd, vast staat, dat hij nieuwe belangstelling in de letterkunde heeft gewekt, dat hij met Potgieter den grondslag heeft gelegd voor een gezonde critiek, en den litterairen dampkring heeft helpen zuiveren van veel wat v. Schothorst. II. 18

Sluiten