Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overal iii de wereld gegrepen, wat het maar krijgen kon. Zulk eene richting eischte, dat de zich steeds vermeerderende rechten en aanspraken konden worden verdedigd, en dientengevolge had de regeering ook een aanvang gemaakt met een aanzienlijke uitbreiding der vloot: in 1889 had Salisbury voor de sterkte der Engelsche zeemacht als maatstaf gesteld, dat zij gelijk moest zijn aan die der twee sterkste andere mogendheden, waarmee te dien tijde Frankrijk en Rusland werden bedoeld. Chamberlain was onderwijl meer en meer de profeet geworden van een soort pan-brittannisme, dat vooral eeue nauwe oeconomische vereeniging, een Britsche Zollverein, tusschen het moederland en de kolonies met zelfbestuur op het oog had, waaruit van zelf ook een nauwer toehalen van den politieken band volgen zou. Zulk eene prediking kreeg meer kans op gehoor, als het den Engelschen in hunne zaken niet naar wensch ging, en inderdaad was, na eene korte opleving sinds 1887, weer eene inzinking gevolgd. Nadat de waarde der uitgevoerde Britsche voortbrengselen in 1880 tot 212.43 millioen pond sterling was gedaald, was zij in 1887 tot 221.91, in 1888 tot 234.53,

in 1889 tot 248.93, in 1890 tot 264.53 millioen gestegen. Maar dan begon weer een bijna even sterke vermindering: in 1891 tot 247.23,

in 1892 tot 227.04, in 1893 tot 218.07, in 1894 tot 215.8 millioen. De mededinging van andere volken op de wereldmarkt werd bij voortduring duchtig gevoeld, en de verwachtingen, die sommige industriëelen gebouwd hadden op de Merchandise Marks Act (1887), werden in het geheel niet vervuld; de bedoeling hiervan was geweest om door het eischen van een merk van herkomst op fabrikaten, die in het Britsche rijk werden ingevoerd, te voorkomen, dat die in den handel werden gebracht als voortbrengselen der Britsche nijverheid, doch naar veler meening was de uitwerking der wet, dat zij als middel tot aanprijzing der vreemde producten strekte en dat in ieder geval het „made in Germany1' op de Duitsche artikelen volstrekt niet het gewenschte gevolg had. Het verlangen naar een meer krachtdadige bescherming werd vooral in de nijverheidsdistricten sterker, en hoewel de aanhangers van Free Trade nog de meerderheid behielden, wonnen de denkbeelden van Chamberlain toch ongetwijfeld veld.

Zoo groeide het Britsche imperialisme, van verschillende zijden ge- Giadstons en voed, gestadig in kracht, en het had zijne vurige belijders geenszins "

uitsluitend onder de conservatieven en unionisten, maar ook onder de ministerie, jongere liberalen, en deze waren ook vertegenwoordigd in het minis-

Sluiten