Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de opdracht, een laatste poging tot minnelijke schikking te gaan doen op Madagascar; hij moest van koningin Ranavolo het onderteekenen \an een nieuw verdrag eischen, dat in hoofdzaak het tractaat van 1S85 be\ estigde, doch er twee bedingen van groot gewicht aan toevoegde : liet recht voor Frankrijk, om op Madagascar een zoodanige krijgsmacht te onderhouden als het noodzakelijk zou oordeelen, en de bevoegdheid, om toezicht te houden op het binnenlandsch bestuur. Half October kweet De Vilers zich van zijne taak te Tananarivo, en het bleek hem terstond, dat op vrijwillig toegeven der Hova-regeering niet de minste kans bestond; hij diende toen den 20" October een ultimatum in, en nadat dit was afgeslagen, verliet hij de stad. Engelsche zendelingen vuurden de oorlogsdrift aan, Engelsche contrabande voerde overvloedig wapenen en munitie in, Engelsche avonturiers boden zich aan als aanvoerders, Engelsche couranten vielen het Fransche beleid aan. Maar de Hova-regeering, die hierdoor waarschijnlijk nog in den waan versterkt raakte, dat Frankrijk niet zou durven doortasten, ondervond spoedig hoe weinig zij met dit alles was geholpen. De Fransche kamer stond de credieten toe, die Hanotaux aanvroeg, een expeditie werd gereed gemaakt en in Mei 1895 werden de eerste troepen te Majoenga ontscheept. Er volgde een moeilijke veldtocht van vijf maanden, die groote verliezen aan de Franschen kostte, vooral ten gevolge van ziekte; niettemin werd het doel bereikt; den 30e° September rukte generaal Duchesne de hoofdstad Tananarivo binnen, de eerste minister, Rainilaiarivony, die sinds een dertig jaar alle gezag in handen had gehad, werd gevangen genomen en naar Algerië gedeporteerd, de koningin werd verplicht het tractaat te teekenen, waarvan Hanotaux den tekst aan generaal Duchesne bij diens vertrek had meegegeven en dat een sterk en ontwijfelbaar protectoraat vestigde, natuurlijk onder opneming der vroeger geëischte twee artikels.

Duit schors, Hoewel in Engeland de doortastendheid der Franschen op Madagas-

eu Franschen car met 'eec'e üogeu wer(l aangezien, had de regeering geen rechtsgrond in den om tussclienbeide te komen, daar Groot-Brittannië in 1890 het Fransche 8 protectoraat over Madagascar had erkend; zij kon opkomen voor handhaving \an Britsche rechten, maar de bevestiging van het Fransche beschermheerschap beletten vermocht zij niet. Anders echter stond het volgens hare opvatting in den Nigerboog, waar sinds 1894 van verschillende zijden een vernieuwde groote bedrijvigheid werd ontwikkeld; hierbij ging het om de heerschappij over de landen ten noorden van

Sluiten