Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ThT proletT Hauden Was Van grootgrondbezitters, die te Se villa, te Madrid of riaat, op het e^ers leefden en het bestuur hunner goederen overlieten aan tusschend° perSOnen' die de arbeiders zoveel mogelijk exploiteerden. Uitbarstingen onder deze bevolking waren vroeger meer dan eens voorgekomen, en ook na het herstel van het koningschap bleef ten gevolge harer ellende onrust voortduren; eene geheime vereeniging, de Zwarte Hand geheeten, pleegde verschillende daden van geweld tegen de landheereu en hunne vertegenwoordigers, totdat er in 1883 strenge maatregelen tegen genomen werden. Over 't algemeen was de toestand der plattelandsbevolking elders niet zoo slecht als in Andalusië, want ginds vond men veelal klein grondbezit of pachthoeven. Toch was ook daar haar leven verre van rooskleurig en gaf het aanleiding genoeg tot bittere ontevredenheid. In de steden en de mijndistricten hadden de arbeiders vooral te lijden van het truck-systeem, dat op groote schaal werd toegepast, maar ook lage loonen en lange arbeidstijden wekten er verbittering; in het onrustige Barcelona vooral uitte zich die herhaaldelijk in oproeren en bomaanslagen; de wijze waarop de regeering hiertegen het optreden door de politie, de pijnigingen waaraan de gevangenen werden onderworpen om bekentenissen en onthullingen te verkrijgen, brachten een stemming van wraakzucht te weeg, waaraan in 1897 ook Canovas ten offer viel.

Ahe1d van' Een6. regeerinS mocht in den strijd tusschen werkgevers en arbeiders Spanje.

te hooi en te gras al eens ingrijpen om de eersten te dwingen tot eenige concessies, over het algemeen hadden ministerie en Cortes het te druk met de belangen van partijen en personen, om zich ernstig met maatschappelijke vraagstukken bezig te houden, en Spanje bleef een achterlijk land. Sterk springt dit in het oog, als men ziet, dat op een bevolking van ruim 17 millioen zielen er nog geen 5 millioen waren, die konden lezen en schrijven; het onderwijs werd dan ook op droevige wijze verwaarloosd. Een ander cijfer is ook sprekend: 53 °/0 der bevolking oefende geen bedrijf of beroep uit. Toch, ondanks al deze ongelukkige verhoudingen, ging het land, zooals reeds gezegd is, sinds het herstel van de rust materieel vooruit; het ondervond den terugslag van de groote bedrijvigheid en ondernemingszucht in andere landen, soms kon het ook profijt trekken van tegenspoed, die een ander land trof. Dit was het geval, toen de Fransche wijnbouw geteisterd werd door de druifluis en de Fransche wijnbouwers dientengevolge in groote massa Spaansche wijnen gingen koopen; de druiventeelt in som-

Sluiten