Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te voeren. Er waren dus een paar betrekkelijk rustige jaren gevolgd. Photiades had geregeerd overeenkomstig de wenschen van de meerderheid der Algemeene Vergadering; onder de Christenen was natuurlijk direkt een partij gekomen, die orde prefereerde boven onzekerheid. Maar de internationale verhoudingen waren na ± 1882 veranderd, in Stamboel hadden de pan-islamisten meer invloed gekregen en hartstochtelijk hadden de Kretensische bey's, de Mohammedaansche grondbezitters en machthebbers van het ancien régime, geklaagd over achteruitzetting onder Photiades. Onder die invloeden was Abdoel Hamid de regelmatige werking van het Yerdrag van Halepa gaan sabotteeren; onophoudelijk had hij de keizerlijke bekrachtiging, speciaal voor verordeningen die betrekking hadden op de geldzaken, geweigerd. Daartegenover waren nu weer de radicale opvattingen van sommigen, die voortdurend „Timeo Danaos . . gewaarschuwd hadden, vat gaan krijgen op de gemoederen. Nooit trouwens hadden de Kretensers vergeten dat zij vrij hadden kunnen zijn, en alles bij elkaar genomen had het „parlementair" bewind van Photiades hen nog prikkelbaarder gestemd tegenover de onvermijdelijke indolentie en afpersing van het Osmaansche bestuur. In 1889 was de botsing gekomen, die ook de Porte gewild had. Vol vertrouwen op Groot-Brittannië — ook op het Duitsche rijk, wijl een huwelijk voorbereid werd tusschen Constantijn, Hertog van Sparta en Sophie, zuster van Wilhelm II — had de Algemeene Vergadering een Christelijken wali geëischt en toen dat afgeslagen was, een beroep gedaan op 't moederland, Hellas. Maar de Mogendheden waren weer belemmerend tusschenbeide getreden. Duitschland had voor een Hertog van Sparta zijn Balkan-principes niet willen laten varen en aan Salisbury, evenals vroeger aan Beaconsfield, was boven een Grieksch Kreta nog altijd een Turksch Kreta verkieslijk voorgekomen ter wille van latere mogelijkheden. De Porte had dus 40.000 man troepen gezonden, die na zes weken vechten en moorden althans het laagland en de dalen onderworpen hadden en door 't oprichten van blokhuizen ook de bergbewoners méér meester waren geworden dan ooit te voren in de XIXe eeuw. En toen was, natuurlijk mutatis mutandis, ook voor Kreta de politiek begonnen, die reeds in Armenië in praktijk werd gebracht: de Algemeene Vergadering werd niet meer bijeengeroepen, van de bey's en de ambtenaren, waarvoor men bij voorkeur Osmanli nam, werd weer alles door de vingers gezien , een begin werd gemaakt met de importatie van Negers en Berbers

Sluiten