Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Adoea. — Besluit der Britsche regeering om het Mahdi-rijk aan te vallen. Houding der Fransche regeering. — Opmarsch der Engelschen. — Het Fransche ministerie-Méline. Hanotaux opnieuw minister van buitenlandsche zaken. — Hervatting eener krachtige koloniale staatkunde door Frankrijk. Gevaarlijke omstandigheden. — Yoorloopig succes; Madagascar en Tunis. — De beslissing in de Nigerlanden. Nieuwe toenadering tot het Duitsche rijk. Het Engelsch-Fransch verdrag van 14 Juni 1898. — De dreigende crisis aan den Boven-Nijl. — De expeditie Marchand. — De verdere opmarsch der Egyptisch-Engelsche krijgsmacht. Vernietiging van het rijk der derwishen. — Marchand te Fasjoda. — De maatregelen van het kabinet-Méline in Abessynië. Hunne mislukking. — Het kabinet-Méline en het Duitsche rijk. Val van het ministerie. — Delcassé minister van buitenlandsche zaken. Breuk in de Fransche politiek. — Het Fasjoda-conflict. — Condominium van Engeland en Egypte over Soedan. — Grensregeling tusschen Engelsch-Egyptisch Soedan en Fransch Kongo. — Verscherpte tegenstelling tusschen Brit en Boer. Chamberlain's économisch imperialisme. — Krüger begeert opheffing van art. IV der Londensche conventie. — Chamberlain's denkbeelden over de Zuid-Afrikaansche kwestie aan Krüger uiteengezet en gepubliceerd. — Krüger's antwoord. — Chamberlain houdt naijverig vast aan Engelands „suzereiniteit". — De Afrikaander Bond behaalt de meerderheid in het Kaapsche Parlement (1898). — De ontevredenheid der Uitlanders blijft. — Petities en contra-petities van Britsche en andere Uitlanders. — Het politiek moment is gunstig voor Engeland. Goede verstandhouding met het Duitsche rijk. — Dreigender Uitlandersbeweging, gelijk recht voor alle blanken eischende.— Milner, hooge commissaris in de Kaapkolonie, dringt te Londen op interventie aan. — Chamberlain vergt nog een ontmoeting van Milner en Krüger. — Ontmoeting van Bloemfontein, maar zonder succes. — Wederzijdsche oorlogstoerustingen. — Vruchtelooze bemiddelingspogingen. — Ultimatum van de Zuid-Afrikaansche Republiek. — Oorlog verklaard. — De kansen. — Goede verstandhouding tusschen het Britsche rijk en Duitschland. Samoa. — Mafeking, Kimberley en Ladysmith. — Geen opstanden in de Kaapkolonie. — Modderrivier en Magersfontein. — Stormberg. — Colenso. — De oorlog door Engeland hardnekkig doorgezet. Roberts en Kitchener. — Bezoek van den Duitschen Keizer te Londen. — Werkeloosheid der Boeren. — French in Kimberley. — Paardeberg. — Ontzet van Ladysmith. — Vredesvoor-

Sluiten