Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft het Engelsch er zoozeer veld gewonnen, dat het zelfs in 1872 heeft moeten aangenomen worden als taal voor de rechtsspraak. Alleen in Suriname bedienen de beschaafden zich nog veelal van het Nederlandsch. Daar echter, evenals elders in Amerika, zijn ook vele negers ingevoerd, wier mengeltaal, wanneer zij zich niet van min of meer zuiver Engelsch bedienen, met den naam van Kef er ■ En gelsch wordt aangeduid.

B. De Afrikaansche talen.

De eigenlijk Afrikaansche talen ') kunnen in zes, aan elkaar niet verwante, groepen verdeeld worden, namelijk :

I. Het Holtentotsch, eene niet onbeschaafde, achteraan voegend agglutineerende taal met grooten rijkdom van vocalen en met eigenaardige medeklinkers, de zoogenoemde klikklanken (zie daarover bl. 84, en over de woordverdubbeling bl. 106). Men kent er verschillende dialecten van, zooals van de Koranna's, de Griqua's, enz. en vooral de Khoi-khoin-XnaX der Namaqua's 2). Slechts een klein deel der Hottentotten leeft nog in eene eigene maatschappij. De meeste zijn in dienst getreden van de Europeesche bevolking van Zuid-Afrika en spreken gemakkelijk het Zuidafrikaansch Hollandsch, doch in den platsten vorm

II. De talen der Boschjesmannen, die op een laag standpunt van ontwikkeling staan, in overeenstemming met de kleine zwarte mensehen, die ze spreken. Ook deze talen hebben een agglutineerend (prae- en suffigeerend) karakter en hebben met het Hottentotsch de klikklanken gemeen.

III. De Kafl'ertalen 3) of liever Bantoetalen, daar Kaffers geen volksnaam is, maar een Arabisch woord, dat over het algemeen de „ongeloovigen" aanduidt. Yan deze, alle aan elkaar verwante, praefi-

1) Zie daarover, behalve verschillende studiën over afzonderlijke talen, de door C. G. Büttner sedert 1887 uitgegeven Zeitschrift für Afrikanische Sprachen.

2) G. H. Schils gaf in 1894 eene Grammaire complete en in 1894 een Dictionnaire étjimologiquc de la langue des Namas uit, en in 1895 een geschriftje L'affitiité des langues des Buschmans et des Hottentots.

3) Zie onder meer andere werken: W. H. J. Bleek, A comparative grammar of the South African lariguages, 186'2: J. W. Appleyard, The Kafir langUage, compri&ing a sketch of its history, ivhich includes a general classification of South A/rican dialects.... and a grammar, Cape of Good Hope, London 1850 en C. Meinhof, Grundriss einer Lautlehre der liantusprachen, Leipzig 1899.

Sluiten