Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

duisternis is geworden tot beweeglijke schaduwen, opgewekt door liet licht dat in de duisternis is gekomen. Dit is de verkondiging dat God licht is en gansch geene duisternis in Hem is.

III.

Maar dit is niet alles. Nog zoude het ons weinig baten indien het licht slechts nederdaalde van den hemel en op de verschillende voorwerpen viel in de wereld om die in het licht te stellen, hunne ware natuur aan den dag te brengen, maar indien tevens die voorwerpen zelve duister bleven, het licht niet konden ontvangen, indien de wereld duisternis was en bleef en geen licht werd. Wij zouden allen door het licht geoordeeld worden en veroordeeld, zoo wij zeiven geen kinderen des lichts konden worden. Maar — het ligt reeds in het voorafgaande opgesloten — zoo is het niet; zoo is het niet in de zichtbare wereld, in de natuur, zoo is het niet in de onzichtbare, waarvan de natuur het afbeeldsel is: het licht toch, dat op de voorwerpen valt en ze doet uitkomen, deelt zich ook aan die voorwerpen mede.

Zoo is het niet, zeiden wij, in de natuur. Ziet, onnaspeurlijk maar onwederstaanbaar tevens is de werking des lichts, en het geheim der schepping verklaart zich door die werking. Is og altijd geschiedt hetzelfde wonder, waarvan gesproken is bij de wording der wereld: duisternis was over den afgrond, maar de Geest Gods zweefde over de wateren. De in zich zelve duisteie en doode stof wordt bezield door die werking. Door het licht ademen dier en mensch; door het licht ontkiemen uit de donkere aarde de talloos vele voortbrengselen van het plantenrijk en door het licht ontvangen zij, eens ontstaan, de haar bewarende en voedende lucht. Ja, tot in de diepten der aarde en de afgronden der zee weet het licht zich een weg te banen, en de donkere en onvruchtbare stofdeelen worden tot goud of zilver of edelgesteenten, en in de schelp der waterdieren vormt zich de schitterende

Sluiten