Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het is voorwaar een lof: want deze Paulus heeft meer gearbeid dan de apostelen allen. Maar liet duidt tocli iets eenzijdigs aan. Het is eene kracht en eene zwakheid te gelijk. Of mogen de overige apostolische schrijvers alleen als discipelen beschouwd worden? Hebben zij niet hun eigenaardige gaven, hun eigenaardig standpunt in Christus? Kan men ze verstaan en waardeeren wanneer men hunne uitspraken eenvoudig in het raam plaatst van het paulinische leerstelsel, of nog liever van dat leerstelsel zooals het in de kerkleer eene gebrekkige en vaak onhistorische uitdrukking heeft verkregen ?

Een strooien brief, deze brief van Jacobus! Het zij zoo; mits men toestemme dat deze stroohalmen voedende graankorrels in overvloed bezitten. Of nog liever Luther heeft voor stroo aangezien wat bij nader beschouwing blijkt goudaders te zijn. Is het geen gouden spreuk, een spreuk uit de diepste mijnschacht des Evangelies opgedolven, de spreuk van onzen tekst? Het voor groote vreugde te achten in velerlei verzoekingen te vallen: is zulk een eisch niet eene bepaalde ongerijmdheid buiten het kruis van Christus? Is het niet eene zedeleer die alleen mogelijk is door dat evangelie dat Paulus eene dwaasheid noemt?

Deze ongerijmdheid valt ons al aanstonds in het oog, als wij op het begrip letten der twee zaken die hier worden samengevoegd: vreugde en verzoeking. Vreugde immers is harmonie, bestaat niet zonder samenstemming van alle akkoorden der ziel. Iedere wanklank verstoort haar. Verzoeking daarentegen is zulk eene wanklank, een tweespalt der ziel. Welke ook de vrucht der verzoeking zij, van welken aard zij ook zij, op het oogenblik zelf dat zij bestaat is er geen vrede in de ziel maar eene scheuring. Verzoeking is eene breuk des harten; er wordt door verzoeking iets van ons afgescheurd, iets geknakt en gebroken. Hoe kan dan vreugde bestaan? Voorwaar, de ervaring van hen die verzoeking kennen komt het oordeel bevestigen, dat wij reeds op grond van het begrip der twee genoemde zaken moesten vellen dat de eisch van onzen tekst ongerijmd is. Wij zullen het ongerijmde trachten

Sluiten