Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tot Joden, wier vurigste begeerte was het juk der Romeinen af te schudden, Joden die naar een woord van Jezus reikhalzend uitzagen, dat hun tot sein kon dienen om de oproervaan te ontrollen, tot dezulken spreekt Jezus zonder vrees van vrijheid. Indien gijlieden in mijn woord blijft, zoo zijt gij waarlijk mijne discipelen, en zult de waarheid verstaan, en de waarheid zal n vrijmaken.

Wat verstaat Jezus onder vrijheid ? Op welken weg is zij te bereiken? Hce kan die weg gevonden worden? Ziedaar de drie vragen die wij aan uwe aandacht voorstellen. De Heer zelf doe ons zijn antwoord verstaan door den Heiligen Geest. Amen.

I.

Uit de wijze, waarop de Joden de belofte des Heeren: de waarheid zal ti vrijmaken, opnamen, blijkt genoegzaam wat zij onder vrijheid verstonden, en wat de Heer daar niet, althans niet in de eerste plaats, onder verstond. Zij toonden zich gebelgd daarover, dat het woord van Jezus uitging van de veronderstelling dat zij niet vrij waren. Zij antwoordden hem : wij zijn Abrahams zaad en hebben nooit iemand gediend; hoe zegt gij dan: gij zult vrij worden ?

Hoe kunnen zij alzoo spreken? Was dan Jeruzalem niet in de macht der Romeinen? Waren zij niet Rome's knechten? Voorzeker, maar zij wilden het niet erkennen. Zij meenden: „dat is slechts voor een tijd. God zal Israël verlossen. Het uur der verlossing is nabij. De romeinsche macht is onwettig. God zal zijn recht en zijne wet handhaven." Zij bandelen ongeveer zooals zoovele aanhangers van een vervlogen toestand van zaken in lateren tijd, namelijk door den feitelijk bestaanden toestand als niet bestaande aan te merken.

Welk een grond van waarheid er ook in deze bewering opge-

Sluiten