Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die de leden van het gevolg tot den blinde richten (vs. 39), heeft geen betrekking op het gebruik van dien titel. Veeleer schijnt het hun toe, van den kant eens bedelaars een aanmatiging te zijn, zulk een hoogen persoon op zijn weg op te houden. De lezing rtu7n}<ry van den T. R. is waarschijnlijk aan de parallelle plaatsen ontleend. Men moet met de Alexandr. (riy^ lezen; dit is een uitdrukking, die zeldzamer gebruikt wordt.

Vs. 40—42. Het wonder: „En Jezus, stilstaande, beval, dat men hem tot Hem zou brengen; en toen hij nabij gekomen was, vroeg Hij hem,

41. zeggende: Wat wilt gij, dat ik u doen zal? En hij zeide: Heer! dat ik ziende mag worden.

42. En Jezus zeide tot hem: Word ziende; uw geloof heeft u behouden."

Niets is natuurlijker, dan de plotselinge verandering, die in het gedrag der menigte plaats vindt, zoodra zij de gunstige gezindheid van Jezus gewaar wordt; dit is wel een geloofwaardige trek, dien Markus bewaard heeft. — Men lette ook op al de bijzonderheden van zijn bericht, vs. 49. — Met een waarlijk goddelijke majesteit schijnt Jezus de schatten der goddelijke macht voor den blinde te openen: „Wat wilt gij, dat ik u doen zal?" Hij laat hem vrij spel, als men zich zoo mag uitdrukken. Zoo kon iemand niet antwoorden, die enkel te beschikken had over natuurlijke middelen, wier werkingen altijd zeer onzeker zijn. De blinde had hooren spreken over de talrijke genezingen, die door Jezus waren bewerkt, en zonder twijfel ook over de opwekking van Lazarus, die op eenige mijlen afstands had plaats gehad. Van daar het geloof, dat zich op zoo eenvoudige wijze in zijn antwoord uitspreekt. — In antwoord op de bede van den blinde (vs. 42), zegt Jezus: Uw geloof, en niet: mijne macht, om hem de waarde van deze zedelijke daad te doen gevoelen,

Sluiten