Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gesproken had. 6. En 1 Mozes zeide tot Aharon en tot El'azar en tot lethamar, zijne zonen: uw hoofdhaar zult gij niet wild laten groeien en uwe kleederen niet scheuren, opdat gij niet zult sterven en Hij op de geheele gemeente vertoornd zoude zijn; en uwe broeders, het geheele huis Israëls, zullen heweenen den brand, dien de Eeuwige ontstoken heeft. 7. En van den ingang van de tent der samenkomst zult gij niet weggaan, opdat gij niet sterven zult, want de zalfolie des Eeuwigen is op u. En zij deden naar het woord van Mozes. 8. En de Eeuwige sprak tot Aharon, als volgt: 9. Wijn of een bedwelmenden drank zult gij niet drinken, gij en met u uwe zonen, wanneer gij gaat in de tent der samenkomst, opdat gij niet

«tprupn 7.n\t: — ppne

instelling voor eeuwig voor" uwe nageslachten; — 10. En om te onderscheiden tusschen het gewijde en het ongewijde en tusschen het onreine en het reine; 11. En om de kinderen Israëls te onderrichten al de wetten, die de Eeuwige voor hen heeft uitgesproken door Mozes. 12. Hierop zeide Mozes tot Aharon en tot

Sluiten