Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laden Leidsche flesch door een sluitdraad worden verbonden, en nemen ter vereenvoudiging aan dat deze in 't geheel geen weerstand heeft. Verder bedienen wij ons, om ons duidelijk uit te drukken, van het beeld der electrische vloeistof en stellen ons voor dat wanneer deze in een draad in beweging verkeert, ook een zekere massa in het omringende medium in beweging is, een opvatting die meebrengt dat het electrische arbeidsvermogen als potentieele en het magnetische als kinetische energie beschouwd wordt (§ § 441 en 571).

Heeft nu eerst het binnenbekleedsel een positieve lading, dan drijft de dielectrische veerkracht in het glas de electriciteit door den draad naar het buitenbekleedsel, en daar nu, zoo er geen weerstand is, deze kracht alleen dient om het medium buiten den draad in beweging te brengen, moet de snelheid dier beweging toenemen, zoolang er nog een potentiaalverschil is, en een maximum worden op het oogenblik waarop de flesch is ontladen. De beweging gaat dan echter voort, evenals een slinger door den evenwichtsstand heen schommelt; nieuwe ladingen der bekleedselen, tegengesteld aan de oorspronkelijke, zijn er het gevolg van, ladingen die aangroeien totdat de opnieuw, maar nu in tegengestelde richting, opgewekte dielectrische veerkracht de beweging der electriciteit en daarmee die in het medium heeft tot staan gebracht. Daarna begint een tegengesteld gerichte stroom, die, evenals de eerste, langer duurt dan liet oogenblik waarop de tlesch ontladen is. Kortom, er hebben heen- en weergaande electrische ,stroomen plaats, gepaard met ladingen der bekleedselen, die telkens van teek en wisselen, en in vele opzichten overeenkomende met de schommelende bewegingen die wij vroeger leerden kennen. Er is een onophoudelijke overgang van electrische energie (in het glas der flesch opeengehoopt) in magnetische (in het magnetische veld rondom den sluitdraad) en omgekeerd, en wij kunnen uit de wet van het arbeidsvermogen het besluit trekken, dat, zoo er in 'tgeheel geen weerstand was, de op elkaar volgende ladingen even groot zouden zijn, en aan het verschijnsel nooit een- eind zou komen. Het is alleen de weerstand, die de beweging na eenigen tijd uitput en het beschikbare arbeidsvermogen in warmte doet overgaan, en zelfs vloeit, als

Sluiten