Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FL = v,t = 2-1 t en DF y gtJ — v, t 5 ta — ^ t [/ 3 Nu is DF KC 2^ M, zoodat

® '1/3 -4

of fJ - 2 t 1/ 3 ~ 2 0

dus » 4 1/ 3 + 1/ 3 + 2 4 (k 3 + k ll), daar de nega16

tieve wortel der verkregen vierkantsvergelijking geene beteekenis voor ons vraagstuk heeft.

1 5

Uit deze waarde van • vindt men FL 2t - (J/ 3 + |/ 11) M., zoodat de afstand van L tot C is FL + CF - FL + KD FL + MD sin 60" FL + 5X2 1/3 J()/3 + k H) + ^'3 = ! (5 3 + 1/ ll) Meter-

1895. No. 1.

Men denke zich een verticaal geplaatsten cirkel (straal — 1.6 M.), waarvan het punt B het hoogste punt is. AB is de raaklijn uit B aan den cirkel getrokken (AB = 8 M.)

Een materieel punt beweegt zich van A naar B langs de lijn AB (wrijvings-coëfficient = */s). Bij B gekomen vervolgt het puilt zijne beweging langs den buitenomtrek des cirkels. Waar zal het dien cirkel verlaten, indien de beginsnelheid in A = 6 M. was? De versnelling van de zwaartekracht zij 10 M.

B is het hoogste punt van den met een straal r = 1.6 M. beschreven, verticaal geplaatsten cirkel MBC (zie figuur). In B is de raaklijn BA aan den cirkel getrokken en op die raaklijn eene lengte BA = 8 M. genomen. Uit A beweegt zich langs AB naar B met eene beginsnelheid v0 = 6 Meter per secunde een materieel punt, welks massa wij door m zullen

Sluiten