Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het kind greep naar het lange mes, dat zonder scheede tusschen den gordel zijns grootvaders stak.

i/Braaf. Ja met dit knijf, ja, Ryno!..." en hij trok het mes uit zijn gordel, „zie hoe het blinkt, het dorst naar bloed, naar het bloed eens verraders, keer het zoo.... en zweer ik zal u zeggen, wat gij zweren moet." Een verschrikkelijke eed, een ijzingwekkende wraakgelofte kwam nu uit den mond des grijsaards, en de knaap stamelde de woorden, die Branno hem voorzeide na.

«Gij hebt gezworen, een wraakgelofte gedaan. Ryno! wat gij als kind gezworen hebt, hebben de Goden gehoord, houd dat als jongeling, als man, wraak! wraak! Zoo lang ik leef, zal ik u uw eed herinneren, en ben ik niet meer, en gij vergeet uw eed, dan verrijs ik uit mijn graf en roep u toe: «Ryno! denk aan uw Wraakgelofte!"

HOOFDSTUK X.

Ten Vadermoord gedoemt. J. van den Vondel, Palamedes, treurspel. Ik heb mijns vaders bloed gestort,

6 Moeder, Moeder ach!

Ik heb mijns vaders bloed gestort,

En dat is 't wat mij schort! — ach!

Mr. W. Bilderdijk. Eduard.

Het was in het jaar onzes Heeren 381, dat twee mannen in een boot langs den Rijn afvoeren. De eene

Sluiten