is toegevoegd aan uw favorieten.

In dagen van strijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ilelene tot hetzelfde inzicht mocht komen. Het warmer gevoel, dat in zijn borst ontwaakt was, zou een recht om zich te uiten verki ijgen, waar het alleen een antwoord op haar vraag scheen, waar zij het was van wie de bede om genegenheid uitging. Nog had hij haar ook den prijs niet geschonken, waarvoor zij zelfs het oficr van haai liefde tot Edward niet te zwaar zou kunnen noemen; hij had gedurende drie jaar voor het Spaansche bewind gewerkt, maar Ilelene kende alleen zijn arbeid, thans zou zij spoedig ook het loon er van zien; de vrouwe van Meerwoude zou, als zij de edelsten onder dien trotschen Nederlandschen adel voor zich buigen zag, als haar wenschen een bevel werden voor hen die eens nauwelijks op haar gelet hadden, als de wierook der vergoding dagelijks tot haar opsteeg, erkennen wat zij haar eclitgenoot verschuldigd was, en al deze heerlijkheid zou hij haar verschaften.

Terwijl hij nu zijn schreden naar het paleis van Alva richtte, scheen hem die hoop nog altoos niet ijdel; hij rekende op Ilelenes eerzucht, waar hij zich niet op haar hart dorst beroepen. Met de doode vrucht der grootheid meende hij de ziel te verzadigen, die hij van haar liefde had beroofd, en dat op het eigen oogenblik, dat al haar schijnpracht zijn eigen behoefte niet stillen kon.

Inderdaad; het lag meer aan de voorbeelden van anderen dan aan de vreugd die hij zelf gevoelde, dat hij Helene met het bezit van eer en macht meende te kunnen bevredigen. Hoe ijverig hij dit ook zocht, heerschzucht in den waren zin van 't woord was geen trek in zijn karakter, daarvoor waren hem de mensehen te onverschillig, te verachtelijk. Hij wilde regeeren, wijl het verkieslijker was over lagere wezens te bevelen, dan hun te gehoorzamen, maar bij die opvatting van het gezag kon geen geestdrift in zijn borst ontwaken. Hij wierp een blik op de vele wachten die Alva's paleis omgaven; zelfs het geluk van den burger, veilig te zijn, viel vorsten slechts zelden ten deel, en de spreuk, welke hij in de republikeinsche gezindheid zijner jonge jaren zoo vaak bewonderend had opgezegd, rees ook nu op zijn lippen:

//Toen ik nog machtig was, ging bange vrees

Voor eigen dolk bestendig met mij mede."

Hij zag in den hertog liet toppunt der macht bereikt, en toch, hoe weinig vermocht zelfs dit zeldzaam genoten gezag zijn eigenaar te beschermen. Toen hij, in de audiëntiezaal getreden, overal de gewapenden zag, die den hertog bij een onverhoedschen opstand moesten verdedigen, verwonderde hij zich een oogenblik bijna, wat ook hem