Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bestaan zou openbaren, geen zeggen, dat zij hun huwelijk in naam van een gevoel hadden gesloten, nooit in waarheid gekoesterd. De kalme vriendschap, die in schijn hun bond bezegeld had, zij was op de lippen en niet in het hart geweest. Reinout had meer dan vriendschap gezocht bij de vrouw, die hij niet aan de borst durfde drukken, om niet te verraden, welke onstuimige aandoeningen haar deden kloppen, en Heienes huivering, toen hij haar ten huwelijk vroeg, was minder dan de weemoedige berusting, die een echt, alleen door het verstand besloten, doet aangaan. Geheime hartstocht en geheime afkeer hadden beide de taal dei- onverschilligheid geleend, en daarmee waren zij schuldig aan de onwaarheid geworden, die zich thans tusschen hen plaatste, zoo vaak oprechter woorden zich naar hun lippen drongen.

Onwaarheid, vreeselijke gast in ieder huis, maar vooral in de echtelijke woning waaruit geen weggaan is, koud bedriegelijk zwijgen, zij plaatsten zich mede aan de tafel, waar Helene tegenover haar gade zat; zij zagen haar aan uit den blik zijner oogen, zij spraken haar toe uit den glimlach van zijn mond, die zoo gaarne den haren gezocht had, en zij raakten haar in zijn koelen handdruk aan, waar hij de armen hartstochtelijk om haar had willen heenslaan. Dikwijls, als zij Reinouts verhalen scheen te volgen, was het haar als bestierf het antwoord, dat zij geven wilde, op haar lippen, en midden in het gesprek weerklonk dan die nog onverklaarde uitroep van haar broeder: »dat heeft hij gewild;" zij moest zich bedwingen om niet luid te vragen: »wat beteekent die aanklacht? geef mij rekenschap van dat gezegde, laat het mij niet meer in droomen, die ook bij dag niet wijken, vervolgen.'! Zij had in haar echt een zware verdenking meegebracht, en het bleeke spooksel van dien argwaan rees tegen elke poging, die haar nader met Reinout wilde verbinden, scheidend op. Onzichtbaar verzelde het haar in den kring der gasten, en voedde zich aan den disch met honderd kleine, nauwelijks opgemerkte uitingen van hen, die de verhouding tusschen Filips en haar echtgenoot gekend hadden; het fluisterde haar in den diepen ootmoed, waarmee zij nu plotseling zoovelen voor Meerwoude buigen zag, zijn vragen in 't ooien beschreef de brieven, die hij uit de kettersche standplaatsen ontving, met geheime, hem veroordeelende letters. Zij had die stukken nooit gelezen, maar hoe kwam de aanhanger van hertog Alva de vertrouwde zijner vijanden ? hij moest één der twee partijen misleid hebben, wanneer beide hem als vriend beschouwden; en dat hij het doen kon, gaf het niet een maar al te goed recht aan haar bange vermoedens? Wanneer hij anderen misleiden kon, waarom ook niet haar? In de eerste maanden, toen de droefheid over haar vaders

Sluiten