Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

valt op het vroeger donkere gedeelte, dan verlaten de zwermsporen de plaats die ze kort te voren hadden ingenomen, zwemmen alle te zamen als duidelijk te onderscheiden groep van de nu donkere plek naar den tegenoverliggende.) verlichten oever en groepeeren zich daar op die plaatsen, waar de verliel,tinvoor hen het gunstigst is. °

Ook langgerekte buisvormige cellen, die aan één eind vastgegroeid zijn, trachten met hun ander vrij uiteinde die plaatsen te bereiken, waar zij het gunstige licht kunnen vinden. De reeds herhaaldelijk als voorbeeld gekozen "itehena clavata, afgebeeld in de middenfiguur van de Plaat op blz. 29 van Deel I. bestaat uit lange, cylindervorinige, herhaaldelijk uitgestulpte en als het ware, vertakte cellen, welker voortgroeiende stompe einden een donkergroene kleur bezitten, terwijl de onderste, afgestorven deelen verbleekt zijn en een geelachtig witte kleur vertoonen. Het protoplas.ua is zoo overvloedig van chlorophylkorreltjes voorzien, dat de geheele binnenwand der buisvormige cellen als met een groen behangsel bekleed schijnt. Op den bodem van ondiepe wateren, waar de natuurlijke standplaats dezer plant is, groeit zij uit tot halfbolvormise zoden en alle bu.svormige cellen, waaruit de zoden bestaan, zijn met hun «roene uiteinden naar boven gencht, naar .le bron van het licht. Zoo gaat het ook met deze I ctucheiia clavata, als zij in een porseleinen schotel wordt gekweekt u' Nan koven gelijkmatig wordt verlicht. Heeft men echter een gedeeltelijke verduistering tot stand gebracht, door een deel van den schotel te bedekken dan veranderen die draden, waarboven zich het verduisterende scherm bevindt' 111 zeer korten tijd van stand; zij buigen zich naar de lichtere zijde, en de zode

f.'e', e,r ,dan Ult' alsof men met een kam alle draden naar den kant van het licht had gestreken. Datzelfde ziet men overigens ook. als de porseleinen schotel met de \ aucher.a-zode, waarop eerst diffuus licht gelijkmatig van boven neerMei. gezet wordt achter in een vertrek met één venster, zoodat het licht slechts van een zijde kan binnenvallen. Ook dan buigen alle draadvormige of, liever gezegd, buisvormige cellen van de zode naar de lichtbron, en als ze'verder groeien, heeft de verlenging zonder uitzondering plaats rechtuit in de richtin»'

naar het invallende licht. Na eenige dagen zien ook zulke Vaucheria-zoden eruit als gekamd.

Op dergelijke wijze als de afzonderlijke groene cellen, die vrij in het water zich bewegen, en als de aan den voet vastgegroeide buisvormige cellen van toucher,a gedragen zich ook de groene weefsels der lagere cryptogamen, ,1e veêren der varens en de groene bladeren en stengels « or zaadplan ten, en in liet algemeen die omvangrijke sameiistelliiigen°van groene cellen, die tot taak hebben, eendrachtig samen te werken en voor de plant, waarvan zij deel uitmaken, uit het opgenomen koolzuur, met behulp van andere voedingsstoffen, organische zelfstandigheid te fabriceeren. Ook voor hen zijn natuurlijk inrichtingen noodig, waardoor zij altijd in liet gunstigste licht komen «taan. Wel zijn bij deze gewassen, waarbij de verdeeling van ■li h k zoovei is doorgevoerd, de omstandigheden niet zoo eenvoudig als bij die planten, die slechts uit enkele cellen bestaan, en het is van te voren te ver-

Sluiten