Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hot stuifmeel vrijkomt uit de ernaast staande helmknoppen, is liet afvallen der helmknoppen en meeldraden tegen den tijd, waarop de daarnaast staande stempels rijpen. In de bloemen der Balsemienachtigen, zooals Impatiens glaiululosa, de Reuzen Balsemien; Impatiens noli tuiu/ere, het Gewoon Springzaad, en Impatiens tricornis zijn de helmknoppen met elkander vergroeid en vormen een soort van kap, die zich welft over den stempel. Nadat de bloem zich heeft geopend en toegankelijk is geworden voor toevliegende insecten, springen dadelijk de helmknoppen open, en men ziet bij den ingang der bloem alleen het uit de opengesprongen helmknoppen bestaande kapje. Later raken de helmdraden los en 't kapje valt uit

lilOGlllGll 11101 VOlKOmeH U IC II Ugttlll IW. l. ï'C U|> uc Alpen \winuinouuu "vavii Uüiuuui m ,

Geranium sylcaticum niet protandrische bloemen. 2. Parietaria officinalis, Rechtopstaand Glaskruid, niet protogynische bloemen. 8. Een afzonderlijke bloem van deze, niet rijpen stempel, gesloten helmknoppen en opgerolde helmdraden. 4. Dezelfde bloem later; de stempel is afgevallen, de helmdraden hebben zich gestrekt en do helmknoppen werpen het stuifmeel uit. — Fig. 1 en 2 in natuurlijke grootte, Kig. •'! en 4 een weinig Tergroot. Zio blz. 362 en 363.

de bloem. Nu eerst ziet men in het midden der bloem den stempel, die intusschen geschikt is geworden voor de opneming van stuifmeel.

De grootbloemige soorten van het geslacht Ooievaars bek, bij voorbeeld Geranium argentum; de |ten onzent in het wild groeiende] Beemd Ooievaarsbek, Geranium pratense, en de op de Alpen voorkomende Bosch Ooievaarsbek, Geranium sylcaticum, hierboven afgebeeld in Fiij. 1, vertoonen iets dergelijks. Bijna gelijktijdig met het opengaan der bloem springen een paar deitot nu toe door de kroonbladeren bedekte helmknoppen open. In een bepaalde opeenvolging gaan dan ook de overige open en bieden nu alle hun stuifmeel aan. De stempels midden in de bloem sluiten nog aaneen. Zoodra zij van elkander beginnen te gaan, vallen de antheren van hun helmdraden, en men ziet nu de vijf voor de opneming van stuifmeel geschikte, wijd uitstaande stempels alleen nog omgeven door de van hun helmknoppen beroofde puntige helmdraden.

Sluiten