Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Noordamerikaansehe Aardnoot, Apios tuberom; de Mexicaansche Klaverzuringsoorten, Oxalis esculenta e. a.;de Peruaansche Oostindische kers, Tropaeolum tuberosum; de Zuidamerikaansche Cassave, Jatrophn Manihot; de in te tropische streken overal gekweekte Bataat, Ipomaea Batatas, en verscheiden Cannasoorten in tropisch Amerika.

Uit de tweede afdeeling der groenteplanten, de gewassen omvattende, welker bladeren in de keuken worden gebruikt, moeten genoemd worden eenige als „soepgroenten" gekweekte Schermbloemigen, b.v. Peterselie, Petroselinum sativum en Kervel, Anthriscus cerefolium; de reeds genoemde bolgewassen, Snijlook, Allium Schoenoprasum en Prei, Allium porrum. Dan vele van vleezige, bladgroenrijke bladeren voorziene planten: Spinazie, Spinacia oleracea; Nieuw-Zeelandsche Spinazie, Tetragonia expanza; Snij biet, Beta cycla; Tuin Melde, Atriplex hortensia en Postelein, Portulaca oleracea, en W i n t er p o s te lein , Claytonia perfoliata; verschillende Zuring soorten met hunne zuursmakende bladeren, als Gewone Zuring, Bumex acetosa en Spaansche Zuring, Bumex scutatus; de Andijvie, Cichorium etulivia, en de Cichorei of het Brusselsch Witlof, Cichorium intybus. Verder de Salade-soorten, als de Gewone- of Kropsla, Lactuca sativa; Vettik of Veldsla, Valerianella olitoria, en de Bitterkers of Tuinkers, Lepidium sativum. Eindelijk vooral de variëteiten van Kool, Brassica oleracea, Witte en Hoode Kool, Savoye-, Boeren- en Spruitkool.

Hier kunnen ook het best worden genoemd die planten, waarvan scheuten en stengels als groente worden gebruikt, bijvoorbeeld de Koolraap boven den grond, bij ons ook wel onder den uit het Duitsch overgenomen naam Koolrabi bekend, waarvan het onderste, sterk opgezwollen, als een knol verdikt stengeldeel, dat echter wel bladeren draagt, gegeten wordt; de jonge spruiten van Hop, Humulus lupulus, onder den naam Hopspruiten, als salade en ook als groente gegeten, en de bekende Asperges, Asparagus oflicinalis. Onder den naam Palm kool worden in tropische landen als groente ook de knoppen van verschillende Palmen gebruikt; 't veelvuldigst die van Euterpe oleracea, den Kool palm uit Brazilië. In den ouden tijd werden in Home ook de eindstandige knoppen van den eenigen in Europa in 't wild groeiende Palm, Chamaerops humilis, uitgesneden en als lekkernij, als palmkool, gegeten, waardoor niet weinig in de hand werd gewerkt, dat deze Palmsoort in streken, waar zij vroeger veel voorkwam, volkomen is uitgeroeid of zeer zeldzaam is geworden.

Tot de derde afdeeling der groenteplanten, waartoe die behooren, welker bloemknoppen, bloeiwijzen, bloemen en vruchten worden gebruikt, behooren Bassia longifolia en Bassia latifolia, twee tot de Sapotaceeën behoorende boomen uit Oost-Indië, welker vleezige bloemen als rozijnen smaken, met rijst worden gekookt en een hoofdbestanddeel vormen van het voedsel der inboorlingen van Bengalen. Hoogst opmerkelijk is in deze afdeeling ook de Bloemkool, Brassica oleracea botrytis caulifera, en de verwante meer zuidelijk gekweekte Brocoli, koolsoorten, welker bloeiwijzen in koraalstokachtige massa's zijn veranderd en die een voortreffelijke groente leveren.

Sluiten