is toegevoegd aan uw favorieten.

De flora van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Biologische bijzonderheden. De bouw der bloem met het oog op de bestuiving is bij deze en de volgende soorten vrij wel als bij Sinapis (zie overzicht der Cruciferae). De honigbij is een der voornaamste bezoekers, ook het koolwitje.

Op de onderste bladen der plant zijn soms knopjes waargenomen, waaruit zich nieuwe planten ontwikkelen.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant heet inheemsch aan de kusten van West- en Zuid-Europa, en schijnt op Helgoland nog in het wild voor te komen. Bij ons wordt zij alleen gekweekt in verschillende vormen aangetroffen en verwilderd slechts zelden. De verschillende gekweekte vormen zijn zoo min bij deze als bij de volgende soorten gelijk te stellen met variëteiten bij de wilde plantensoorten, daar er zich zelfs constant geworden monstrositeiten b.v. de bloemkool bij bevinden.

\ olgens v. Fischer-Benzon is het vaderland der koolrassen Italië, van daar heeft de cultuur zich verder over Europa verspreid.

De voornaamste gekweekte vormen zijn :

1. acéphala ') D. L. Stengel verlengd. Bladen met een kop gesloten.

a. vulgaris. -) Bladen vlak, bochtig, vinspletig, groen of rood. Als veevoeder gekweekt.

b. quercifólia. •') Bladen vindeelig met ingesneden slippen, groen, vlak of gekroesd: boerenkool, de zijkopjes: spruitjes.

2. gemmifera.4) Stengel verlengd met half gesloten eind- en tal van zijkopjes. Bladen opgeblazen en gekroesd : spruitkool.

3. sabauda. ') Stengel iets verlengd. Bladen ongedeeld of ingesneden, gewelfd of kroes, tot een lossen kop gesloten : savoyekool.

4. capitata.') Stengel kort. Bladen gewelfd tot een dichten, vasten kop gesloten: witte kool, roode kool, sluitkool (veevoedergewas).

5- gongvlodes. ') Stengel boven den grond tot een witten , vleezigen knol verdikt: koolraap boven den grond.

6. botrytis.s) Bovenste bladen en bloemstelen tot een witachtig vleezige massa verdikt, waarin de meest onontwikkelde bloemen verborgen

liggen : oioenmoot.

Een ziekte, waaraan de wortels van verschillende koolsoorten en ook koolrapen en knollen vaak lijden, zijn de zoog. knolvoeten. Deze worden veroorzaakt door een slijmzwam (Plasmodiophora Brassicae). Aan den wortel ontstaan dan opzwellingen met een wrattigen wand, die later gaan rotten.

Aan de bladen der koolsoorten doen de rupsen der koolwitjes en der kooluil vaak groote schade.

B. Rapa") L. Raapzaad (fig. 325).

De stengel is rechtopstaand, meest naar boven vertakt, evenals de bladen grasgroen. De wortelbladen zijn verspreid behaard, liervormig vindeelig.

de hoogere zijn langwerpig, met diep hartvormigen voet stengelomvattend, onbehaard.

i) acephala = zonder kop. ') vulgaris = gewoon. ') quercifólia = eikbladig. «) gemmifera knopdragend. s) sabauda = uit Savoye. ") capitata = kop-

vormig. ;) gongylodes = koolzaadvormig. ») botrytis = trosvormig. ») Rapa = raap.

Brassica Rapa

Fig. 325.