is toegevoegd aan uw favorieten.

De flora van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Biologische bijzonderheden. De heester is xerophytisch gebouwd. Hij heeft ver voortkruipende wortels, met tal van worteluitspruitsels en zit

aaaraoor stevig in lossen zandgrond, terwijl de planten gewoonlijk door die uitspruitsels dicht opeenstaan. De xerophytische bouw uit zich ook in de bladen, die smal en lederachtig zijn en waarvan ook de schubben dienst doen om de verdamping te beperken. De stekende takken verhinderen het opvreten der jonge bladen door dieren.

De bloemen zijn windbloemen, zij komen voor de bladen geheel ontwikkeld zijn. De meeldraden in de mannelijke bloemen laten het vele stuifmeel, dat zij bevatten, al vallen als de bloem nog knop is en er nog als een blaasje uitziet (fig. 627). Dat stuifmeel valt op den voet van het bloemdek en van de 2 schutbladen en daar blijft het, als er geen wind is, vaak dagen lang liggen. Het is in dien tijd natuurlijk aan het gevaar blootgesteld, om door vocht te bederven, doch de 2 schaalvormige omwindselbladen , die met de holle zijde naar elkaar

gekeerd ziin . vnrmpn ppn Hp mpplHrnHpn

en het stuifmeel omgevende blaas, door- Vfoïen fioeS.' knopach,is ges,0,en' dat zij aan den top verbonden blijven

en bij vochtig weer slechts 2 nauwe tegenover elkaar liggende spleten vormen.

Bij droog ^veer openen de spleten zich wat wijder en kan het stuifmeel er door den wind uitgedreven worden naar de vrouwelijke bloemen.

Voorkomen in Europa en in Nederland. De plant komt in geheel Europa in de duinen en op zandige plaatsen voor en is bij ons in de duinen algemeen.

Volksnamen. In Friesland, Noord-Overijsel en den Achterhoek van Gelderland heet de plant hagedoorn, op Texel, aan den zoom der Veluwe, op Walcheren en in Zeeuwsch-Vlaanderen heet zij duindoorn, aan den Zoom der Veluwe kattendoorn, op Walcheren duinbes en zanddoorn.

Familie 77. Rosaceae Juss. Roosachtigen.

Bladen meest verspreid, met steunbladen, vaak hand- of vinvorinig samengesteld. Kelk meest blijvend, meest 5- of 4-slippig of -bladig (zelden .i- of 6-9-slippig of -bladig). Kroonbladen in den knop dakpansgewijze liggend, soms ontbrekend. AAeeldraden meest vele. Vruchtjes staande op den verheven, cylindrischen of zittend in den bekervormig verdiepten bloembodem (schijnbaar de kelk), meest niet openspringend.

Bij vele Rosaceae wordt de bloembodem een deel der schijnvrucht en wordt dan veelal mede vleezig, doch in sommige gevallen verdroogt hij

33*

Hippophaes rhamnoides

Fig. 627.