Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. Hier is de bron van hemelzaligheden,

De voorsmaak hier van 't zielsvervullend goed. O, groote GodI Gij ziet mijn zwakke beden, En loont hier reeds mijn ziel met hemelzoet/èis.)

4. En dan nog, Heer, met duizend zegeningen Voorkomt Gij al de wenschen mijner ziel.

Wat wedermin, wat dank moet mij doordringen, Waar ik zoo dicht bij Jesus nederkniel. (bis.)

5. Heersch over mij, als Heer van dood en leven, Heersch over mij, vooral door 't liefdereclit.

Wijk, wereld 1 wijk, gij kunt geen heil mij geven, Mijn hart blijft steeds aan Jesus vast gehecht, (bis.)

36. Hoe innig, mijn Jesus!

1. Hoe innig, mijn Jesus, hebt Gij ons bemind, Daar Gij Uwen wellust, Uw vreugd er in vindt Hier bij ons te wonen; laat ons ook altijd Door wedermin toonen, hoe lief Gij ons zijt. (bis)

2. Gij hebt U verborgen in need'rigen schijn, Om steeds bij de kind'ren der menschen te zijn Tot troost en verkwikking. O, mochten we^altijd U zoekende toonen, hoe lief Gij ons zijt. (bis.)

Sluiten