Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nadrukkelijke wijze gegeven werd. Hij bracht de kast bij de overige meubelen en Platste die op de hem voorgeschrevene wijze: terwijl hg echter zorgde, dat hij zich niet meer verwijderde dan noodig was, en zijn schat voortdurend in 't oog bleef houden.

Slechts een vierde gedeelte van de zeshonderd man, die aan den viersprong gestaan hadden, was nog overig, toen het met zijn aanvoerder op een boogscheuts afstands van de versperring genaderd was. Al de overigen waren of bij den eersten aanval gesneuveld, öf ZmicSelRViIangS uen weg* ^at de overgeblevenen betrof, dezen ll^n ^P611, of geharnaste speermannen, die hun > 4. danken hadden aan hun wapenrustingen, waarop de pijlen afstuitten. Bijna allen hadden hun paarden verforen, en de meesten waren met wonden en kneuzingen bedekt; maar sedert het dag was hadden |fzlch weder m staat gezien, zich in gelederen £ti«w e\T dichtgesloten klomp te vormen, die niet gemakkelijk te verbreken was. Hun vijanden bleven hen met verbittering najagen; doch waren op dit oogenblik minder in staat hen te deren • want die Friezen, die langs het strand en dus beneden hen gingen werden zonder moeite afgeweerd: die, welke hen volgden, konden door hun dichfan Hrnm mof J* 61u,

i j --j i uiiUKou; ou uie, weiKe aan de

flnnr21^6 i i kepen, werden in hun vervolging belemmerd

stonden J ' Éeggen en diJkJe8' In den weg

Dan. Ha mnod Jar> 1 n

™Z;~u'X J ueguu op nieuw ze vernauwen, toen

5L de versperring gewaarwerden, en de talrijke bende

van den Abt van Bloemkamp ontdekten, die, met bogen en slingers gewapend, het Roode Klif bezet hielden. slingers

vl« Jht Jomij'ne<. kinde'en'" .riep Beaumont: „onze laatste toe¬

vlucht ligt in de punt van t staal. Bemachtigt die versperring! dan kunnen wn die tot onze eigene bescherming aanwenden." mij® geestkracht, welke hem dit kloek besluit ingaf, deelde zich

mede aan zijn volgers. Zij sloten zich in nog dichter gelederen samen,

lSd"lw™1'*,w"™de'*<»*» §

. "Ho® ^ebt sö ™or die verachtelijke dorpers kunnen vluchten?" nep Beaumont: „de overmacht kan ons immers niet deren, zoolang wn ons hier op den hoogen landweg blijven houden, waar geen vijf man zich naast elkander roeren kunnen: en wij oT£treffen dat gespuis verre in wapenen en beleid. Komt wakkere gedekt"1166 verschansing in: dan zijn wij ook tegen de pijlen

Aldus sprekende was hij met de zijnen tot dicht bij de versperring genaderd, niettegenstaande de hagelbui van steenen en pijlen, welke de Bloemkampers van uit hun hooge stelling op hem afzonden

een"bevende stemïtroepldeT11 °P ** borstweïing vertoonde, met

de"^I^tBkZpe0n."! ** " gevangen! g« kunt ™gelük tegen .Is dat niet de stem van den verrader Reinout?" vroeg Beaumont,

Sluiten