Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PSALM 18.

6 • i • 7 6 6 56*3*2 i 7*5*6

lost van 'svüands boos ge-weld. De dood bracht my, geboeid,

7 i 3 2*i* 1*7 6 2*3 * 2 1767*6*

in na-re stre-ken, Bij B« -li- als ver-schrik-ke-Uj-ke be - ken!

i * 7 6 5*6*5 6 5 43*5*67

Een hel-sche band was óm mijn heup ge-hecht, En door den

1' * 2 * 1' 1 7 7 6*

dood my strik op strik ge-legd.

2. 'k Riep tot den Heer, in 't midden dier ellendenTot mijnen God, opdat Hij hulp zou zenden:

Mijn klaagstem drong tot in Zvjn troonzaal door; Aan mijn geroep gaf Hij in gunst gehoor.

Toen beefde de aard, al golvend als de baren; Het hoogst gebergt werd op zijn grondpilaren Beroerd, geschokt, gerukt uit zijn gewricht. Door 't vreeslijk vuur van Gods ontvlamd gezicht.

3. Een dikke rook ging op, waar Hij zich keerde, Uit Z(jn neus; het vuur Zijns monds verteerde,

Stak kolen aan. en wat Hem tegenstond; Hy boog het zwerk, en daalde neer; de grond, Waarop Hy trad, was, in het oog der volken, Gansch zwart, door dichtopeengepakte wolken: Zyn wagen was een Cherub: ja gezwind Voer Hy en vloog op vleuglen van den wind.

1. PAUZE.

4. In Züne tent, rondom Hem zoo vol luister,

Hield Hy zich schuil, verborg Zich in het duister

Door wolk op wolk. met kracht te zaam geperst, En opgehoopt in 't bruine luchtgewest. Zyn gloed ontbond der wolken vaste banden; Toen daalde vuur en hagel op de landen; De donder klonk door gansch den hemel heen; God gaf Zyn stem, en 't vuur viel naar beneen.

5. Hy deed vol kracht hen voor Zyn pijlen zwichten; Verschrikte hen door bliksemschicht op schichten.

De diepste kolk droogde op een oogenblik, En 't hart der aarde ontblootte zich van schrik, Wanneer Gy scholdt: Uw adem, fel ontstoken, Deed dus, o Heer ! en land en water rooken. Hy zond my hulp; en nam my, op myn beê, En trok my uit een groote jammerzee.

Sluiten