Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

veel en doorzoeken met den meesten ijver elk hoekje en gaatje, zoodat geen

rups, geen larve, geen ei aan haar vorschenden blik ontgaat. In holle hoornen

broeden zij, desnoods in een gat in den muur. Andere soorten, zooals de

Buidel- en staart meezeil, hangen haar kunstig nest aan rietstengels of takken

of tegen boomstammen op. In den herfst vereenigen zij zich tot troepen,

soms onder aanvoering van een bonten Specht en zwerven dan gedurende

den winter rond, daar blijvende, waar zij voedsel vinden kunnen; liet kost

dan weinig moeite haar eiken dag op bepaalde plaatsen zich te zien verzamelen,

indien men voedsel strooit. Slechts de Staartmeezen sluiten zich niet bij de

andere aan, maar vormen zelf grootere of kleinere groepen en eten uitsluitend insekten.

De zeldzaamste soort is de Baardmees (Panurus biarmicus K.), zoo genoemd naar de zwarte vlekken, die het mannetje aan de wangen doet zien en de Buidelmees (Aegithalus pendulinus V.), die, evenals de vorige, rietvelden bewoont, de eei->te ook die "\an ons land, de tweede die van het oosten van ons werelddeel.

Zeer algemeen komen bij ons voor

Hg. (» de Staart mees (.Acredula caudata K.) met een staart, langer dan het lichaam;

Hg. 7 de Kuif mees (Lophophanes cristatus K.) met een kuifje op den kop;

lig. b de Koolmees (Parus major £.), met zwavelgele van een zwarte lengtestreep voorziene onderzijde;

lig. 1) de Pimpelmees (Parus caeruleus L.) blauwachtig gekleurd op den kop, de \leugels en de staartveeren en geel aan de onderzijde;

Hg. 10 de Zwarte Mees (Parus ater L.) met zwarten kop en hals en witgevlekten nek, en

tig. 11 do Zwartkopmees (Parus palustris L.) met zwarten kop, bruinachtige bovenzijde en eenigszins aan een Zwartkopje herinnerende.

In de plaats van de Zwartkopmeezen leeft op de Alpen de grootere Alpen mees (Parus b ore al is De S. L.) en in plaats van de Pimpelmees leeft in het noorden \an Km opa de sterkere blauw en witgekleurde Lazuurmees (Parus cyanus P.).

Familie XVII. Icteridae, Troepiaal-vogels.

Ameiikaansche vogels met langen, kegelvormigen snavel, die insekten, \ luchten en zaden eten. Inheemsch in de Vereenigde Staten is de Koe vogel (Molobius pecoris S.), die schadelijk is voor den maisbouw, maar die ook } e\enals do Spieeuw dat bij ons wel doet, het vee zuivert van insekten. E"\enals de Koekoek legt hij zijn eieren in liet nest van andere vogels. Zeer schadelijk voor den bouw van Turksche tarwe is

I laat X, lig. 1, deMaisdief (Quiscalus versicolor V.) met metaal glanzend gevederte.

Familie XVIII. Sturnidae, Spreeuwen.

Overal levende, langsnavelige vogels, die zich dikwijls door een metaalglanzend gevedei te onderscheiden en kleine dieren en plantenvoedsel nuttigen. De meest bekende is

Sluiten