Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

Het Friesch Museum is het museum van het Friesch Genoot- De oprichting schap van Geschied-, Oudheid- en Taalkunde te Leeuwarden, v. h. Friesch dat zich den 26 September 1827 constitueerde. H. Amers- Genootschap, foordt, rector der latijnsche school te Sneek, Mr. F. Binkes,

rechter te Sneek (vroeger advocaat te Leeuwarden) en F. D.

Fontein te Harlingen, namen het initiatief voor de oprichting en noodigden met dat doel een twintigtal personen tot eene eerste bijeenkomst die den 28 Augustus 1827 plaats had in het logement de Phoenix te Leeuwarden *). Eene commissie bestaande uit de heeren Amersfoordt, Fontein en den oud-hoogleeraar Mr. J. W. de Crane te Franeker belastte zich met het ontwerpen der noodige wetten, die op de tweede, den 26 September 1827 te Franeker gehouden vergadering,

na eenige kleine wijzigingen werden aangenomen. Het initiatief kwam niet uit kringen die boven alles de instandhouding der Friesche taal- en letterkunde wilden bevorderen. Amersfoordt toch, wel de hoofdman van de grondvesters, was in de eerste plaats geschiedkundige.

Men leze slechts de belangrijke voorrede van het in 1824 door hem, met den korte jaren daarna overleden predikant Visser van IJsbrechtum, uitgegeven eerste stuk van een „Archief voor de vaderlandsche en inzonderheid Vriesche geschiedenis, oudheid- en taalkunde"; welke titel merkwaardig overeenkomt met den naam van het Genootschap, dat, in navolging waarschijnlijk van reeds in Nederland bestaande geleerde maatschappijen of genootschappen, op breeden basis werd opgetrokken. De leden zouden zich splitsen in niet minder dan vier afdeelingen, die respectievelijk tot hoofddoel hadden: a. de Friesche geschiedenis, b. oudheden, c. geographie en geologie, d. de taal- en dichtkunde, waaronder

*) Blijkens een der oorspronkelijke oproepingsbrieven. Mr. J. Dirks vermeldt in zijne den 24 Oct. 18<» 1 uitgesproken rede over hetgeen het Fr. Gen. tot dusverre verricht heeft, minder juist dat men den 28 Augustus te Franeker vergaderde. Zie het 34ste Verslag.

Sluiten