Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Memorie van Toelichting op het door de Inspecteurs voor het Geneeskundig Staatstoezicht voorgestelde ontwerp eener gewijzigde wet ter voorkoming van de uitbreiding van besmettelijke ziekten.

De volgorde der artikelen van de bestaande wet doet de ogica van deirgeda,chtengang, waaruit zy voorkwamen, weinf8, uitkomen. Zoo byv. is het eenigszins vreemd dat in art 2 plotseling gesproken wordt van maatregelen ten opzichte van in slaapsteden en logementen zich bevindende lijders zonder dat eer&t blijkt hoe de burgemeester met hunne aanwezigheid aldaar bekend kan zyn; zoo schijnt het weinig logisch eerst de maatregelen te vermelden, die kunnen worden genomen om daarna te komen tot die welke altijd en overal moeten worden stellen ' GnZ' ^at WÜ wijziging dier volgorde voor-

^er ?ekte11' waarop de wet toepasselijk is, volgt de behandeling der wijze, waarop de ziektegevallen ter kennis van de overheid komen, hoe daarbij ten opzichte der besmette woningen, hare bewoners en de daarin aanwezige voorwerpen zal worden gehandeld, de algemeen geldige bepalingen omtrent voorbehoeding tegen pokken enz. Daarna worden behandeld de exceptioneele bevoegdheden bij besmetïngagevaar aan den burgemeester, aan de gemeentebesturen aan de landsregeenng toegekend, de daarbij toepasselijke be-

ntlïw ƒ mtren,t het- begfaveü van iijken, en eindelijk die mtrent den ontsmettingsdienst en de verhouding tusschen de geneeskundige ambtenaren en de burgerlijke overheidspersonen.

Under de wijzigingen, door ons aangebracht, zijn er, die reeds zoo dikwyls besproken zijn dat we het overbodig oordeelen daarover thans hier nog in uitweidingen te treden.

r?5 °j a' dJ> wijziging der lijst van ziekten, de verplichte aangifte door den geneesheer, de verplichte ontsmetting der woningen binnen de grenzen hiervoor by algemeenen bestuursmaatregel aan te geven , de verplichte vaccinatie in het lste levensjaar, de algemeene verspreiding van inrichtingen (hoe eenvoudig dan ook ingericht) ter verpleging van lijders, enz.

Als iets nieuws kan misschien worden beschouwd de bepaling van art. 13, waarbij de gemeentebesturen worden bevoegd verklaard, zooveel mogelyk te gemoet te komen aan de bezwaren die voor de bewoners van besmette huizen uit de in het algemeen belang genomen maatregelen kunnen voortvloeien , voor zooverre althans daarvan gebrek voor hen het gevolg zoude zün. liet is bekend dat vele besturen in dezen zin handelen, het voorgestelde artikel echter zal ook diegenen daartoe opwekken, die thans nog meenen dat de bepalingen, omtrent de onder-

arne^-fei<ie -Yf* ?emaakt> hen daarvanbehooren te weerhouden. De billykheid toch van zoodanige tegemoetkoming behoeft zeker geen betoog. Eene bepaalde schadeloosstelling in net algemeen te verleenen zou daarentegen ongewenscht moeten neeten, wyl zy naar wy vreezen de zorgeloosheid zou bevor-

«e w.' Vï. bovendien ook practisch onuitvoerbaar zou zijn. J1*s, OU vermetaging van eigendom zouden wy het voorschrift x^i-ar der Grondwet, dat zij niet dan tegen schadeloos-, stelling mag geschieden, op de wijze, als by dat grondwets-

Sluiten