Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AFVAART.

Voor J. Th. Toorop.

De maanlicht-overvloeide vloed

Heft 't ranke spook van vlotte bom Boven den zwarten menschendrom

Die vlekt het zilvren zand als roet. De ketting waar zich 't schip aan windt Kreunt eenzaam als nacht-wakker kind.

Geen andre klank begint of duurt.

Het koele klikken langs de kiel, Nu 't schip in voller water stuurt,

Reikt niet tot hier. Het slank profiel Verbreedt onhoorbaar-onverwacht Zich met der zeilen effen pracht.

Van duistre plecht onzichtbre hand

In driemaal-op-en-neder-zwaai Wuift licht vaarwel aan vriend en land

En heel de manelichte baai.

En donker wuift de kust weêrom Van rijke vangst en wellekom...

Sluiten