Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van zijn zuster neergeslagen en moedeloos geweest. Toen hij echter gehoord had, dat Irene naar Den Haag ging logeeren en zij opgewonden van pret het aan zijn zusters was komen vertellen, werd hij doodsbleek en verliet zonder een woord te zeggen de kamer.

Hij ging naar boven, zette zich voor zijn schrijftafel, liet het hoofd op zijn armen vallen en snikte het uit; hij schaamde zich voor deze uitbarsting, die hij kinderachtig en onmannelijk vond, maar hij kon er niets aan doen ; meer dan ooit voelde hij dat Irene nu

geheel voor hem verloren was.

Zij stelde zich geheel buiten zijn bereik, zij v oog weg, zijn lief goudvinkje, ver van het warme, veilige nestje dat hij haar zoo gaarne wilde bereiden.

Van dezen dag ging Paul haar uit den weg, hij ga haar niet eens gelegenheid afscheid van hem te nemen ; hij sprak weinig meer over haar en wijdde zich met verdubbelden ijver aan zijn patiënten en zijn studies. „Paul, Paul! waar blijft de gardenia?" vroeg hem het

onnoozele broertje Willie.

„De gardenia is in de serre." antwoordde Paul met

een droevigen glimlach.

Je moet ze hier halen, Paul! Ik wil ze weer zien,

in "de serre zijn zooveel bloemen en wij hebben hier

maar zoo weinig."

Eindelijk kwam Irene terug; zij was opgetogen, o zij had zooveel genoten, zij was op verscheidene bals geweest, zij had Albani gehoord, verrukkelijk! en Mengelberg, goddelijk! en de hollandsche komedie, wat speelden die en die prachtig! O, dat was eerst leven,

dat was eerst genieten!

Zij had nieuwe toiletten meegebracht en zij zag ei

Sluiten