Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die tusschen de witte bloemen lag.

Zij scheen zoo kalm, zoo rustig te slapen, het lange goudblonde haar golvend over het smettelooze, witte lijkkleed, het kruis vast in de hand gedrukt; haar marmeren trekken vertoonden een verhevenheid en rust, welke het leven daarop nooit had gezien. Zij glimlachte, als bewaarde haar gelaat de herinnering aan de poorten van het paradijs, die zij op het laatste oogenblik wijd geopend, mocht aanschouwen.

Er was niemand; de nonnen, die bij de lijkbaar waakten en bidden, hadden zich uit kieschheid verwijderd om hem alleen te laten met de doode.

„O mijn Peri" barstte hij uit en zonk op zijn knieën voor het bed neer, „wat heb ik gedaan! Ach! kon ik gelooven aan je paradijs verloren door mij !"

En snikkend kuste hij haar ijskoude handen.

„Gij hebt overwonnen, o God!" steunde hij, en groote tranen vielen neer op Irene's lijkkleed.

Waren het slechts tranen van smart en spijt of van berouw — de schoonste gave, welke de aarde bezit en die Irene's gelouterde ziel als de kostbaarste parel mede mocht nemen naar het herwonnen paradijs ?

EINDE.

Sluiten