Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het haar geplakt, scheiding in het midden, donkere oogen, diep in de kassen... werd, zooals dat gebruikelijk is, verzocht voor de afrekening binnen te komen.

Zoodra hij binnen was, werden — op ons te voren gedaan verzoek — alle deuren afgesloten. Een der eerste bedienden vertelde den Engelschman, — hij wasten minste geen Amerikaan, — tot welke ontdekking men was gekomen. De man hoorde het zonder blikken of blozen aan, bleef volkomen kalm en zeide dood laconiek, dat hij er niets van begreep, want dat die stukken door hem van een makelaar in Effecten te Londen in ontvangst waren genomen. Gevraagd naar den naam van den makelaar, bleef hij het antwoord schuldig. Zijn vriend, metwienhij gisteren op kantoor was geweest, wist dien naam wel, doch hem kon men het niet meer vragen, omdat hij gisteren onverwachts, wegens familiezaken, naar Londen was teruggekeerd.

Dat gesprek werd in onze nabijheid gevoerd. We hadden scherp toegeluisterd en achtten hetoogenblik gekomen om op te treden. We liepen op den Engelschman toe en maakten ons bekend. Zoodra hij hoorde wie en wat wij waren, ontstelde hij hevig en wilde zich uit de voeten maken. Wij grepen hem echter, bevalen hem zich bedaard te houden en fouilleerden hem. Uit zijn zakken haalden wij een zwaar geladen revolver, een met goudgeld gevulde beurs, verscheidene brieven, doch geen enkel stuk, waaruit zijne identiteit kon blijken. Wij gaven hem te kennen, dat hij onzen arrestant was en hij tot nader onderzoek ons moest volgen naar het Hoofdbureau van Politie. Voor alle zekerheid deden wij hem de manchetten, ofwel de paternosters, aan en wandelden zoo met hem het kantoor af en de straat op. Hij maakte ons onder weg hoopen verwijten, zou de

Sluiten