Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gen) en werkzaam aan de groote restaurants van Adler en Todt bedacht om hun zakken te vullen.

Wanneer een familie van 10 of 12 personen daar broodjes met vleesch en koffie bestelde kwamb. v. No. 9 dit brengen en nadat het een en ander genuttigd was, werd er om den kellner geroepen om af te rekenen. Men lette er soms niet op of het dezelfde kellner was en gaf dan b.v. een muntbiljet om het bedrag af te houden. De kellner kwam echter met het geld niet terug.

Dit was doorgestoken kaart met kellner No. 9, en het eind van de geschiedenis was dat men aan No. 9 andermaal moest betalen.

't Gevolg was, dat verscheidene kellners over de grenzen werden gezet om zoodoende een eind te maken aan dergelijke praktijken.

Dikwijls beleefden wij ook heel grappige gevalletjes.

Er stond op de tentoonstelling in de Engelsche Afdeeling een reusachtige brandkluis, wel zoo groot als een gewoon kantoorlokaal.

Deze kolossus kon gesloten worden door een paar reusachtige deuren en bovendien was deze kluis nog voorzien van twee groote ijzeren hekken, die mede van kunstsloten voorzien waren en gebruikt werden als het Bankpersoneel er in werken moest, voor licht en lucht.

Een familie van buiten loopt tegen een uur of 1 2 daar langs te slenteren en gaat den een na den ander er in om den boel van binnen eens te bekijken. Juist zijn vader, moeder en dochters naar binnen of een grappenmaker trekt de hekken dicht, die in de kunstsloten springen en niet anders dan met de daarvoor bestemde sleutels geopend

kunnen worden.

De familie begint te schreeuwen en om hulp te roepen-

Sluiten