Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vuilnisblik met stoffer; aan het andere eind van dien muur staat een ijzeren privaat met een hengsel; die neemt iedere man 's morgens, als hij gaat luchten, mede naar buiten om te ledigen. Rechts over zijne krib, vast tegen den muur is een klein klaptafeltje; daarvóór eene kruk (driepoot) en ongeveer een halve meter boven de tafel, een electrisch gloeilicht.

Het ergste van alles is die deur van een duim of acht dik, waartegen eene ijzeren plaat, vastgeklonken met tal van nagels; in het midden is een klein deurtje (schaftgat), dat geopend wordt om eten, boeken enz. door te ontvangen; daarboven is nog een klein rond gaatje met een klepje aan de buitenzijde, om den man te kunnen bespieden. Tusschen dit kijkglaasje en het schaftgat hangt eene witte kaart, waarop ingevuld is de tijd, wanneer de straf is ingegaan en van ontslag, en de oorzaak waarvoor gestraft is.

Eene andere kaart met eene groote P., R. of I. duiden aan of de celbewoner Protestantsch, Roomsch of Israölietisch is.

De geheele omgeving is dus spoedig te overzien. Het is maar de kwestie om daaraan te gewennen. Bij de meesten gelukt dit tamelijk vlug. De eerste dag is de ergste, maar vervolgens gaat men medeleven met den gevangenistijd, want alles gaat daar precies op de klok, d. w. z. op eene groote bel, welke in de centrale — het middenpunt van het gebouw — hangt en met één of meer slagen aankondigt, wat aan de orde is. 's Morgens half zeven — 's winters 7 uur — wordt voor de eerste maal geluid voor opstaan, wasschen en bed opmaken; 7 uur voor arbeid; 8uur voor ontbijt — roggebrood met water en melk en als men wat verdiend heeft, cantine, d. w. z. extra wit brood met boter, dat men koopen kan, zoodra er wat verdiend is —; 81/i uur voor arbeid; 12 uur voor rust, dan kan men lezen, leeren of wat men doen kan en mag; tusschen 8 en 12 uur wordt bezoek gebracht door den dokter, onderwijs gegeven en gaat men luchten; 1

Sluiten