Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In Januari 1909 stond in couranten het bericht, dat de directeur van het Fransche opvoedingsgesticht Mettray een onschuldigen jongen had gestraft, waarvan het gevolg was geweest, dat die jongen zelfmoord had gepleegd. Eenige dagen later berichtten de bladen, dat de directeur van het Nederlandsch gesticht Mettray tal van brieven over dit geval had ontvangen; de lezers hadden gedacht, dat het zijn gesticht gold. Toch had er boven het courantenbericht gestaan, dat het uit „Le Matin" was overgenomen.

Een getuigenis in een strafzaak.

Edmond Picard verhaalt, dat een man beschuldigd werd van inbraak, vergezeld van moord. De eenige getuige verklaarde, een man uit het huis te hebben zien vluchten; hij kon dien man herkennen aan een groot, bruinachtig litteeken op de linkerwang. Een man als de aangeduide werd gevonden en gearresteerd. Hij zat lang in preventieve hechtenis, maar persisteerde bij zijn ontkenning. Doch de getuige hield evenzeer vol. Maar nu gebeurde het op een avond dat getuige een man naast zich zag loopen, waarvan hij schrok: die man had een groot, bruinachtig litteeken op de linkerwang, als de ander. Maar als hij den man bij het licht eener lantaarn goed aanziet, ontstelt hij hevig: De man heeft een sigaar schuin in den mond, wat den indruk geeft van een litteeken. Nu komt hij op de gedachte, dat hij zich wel de eerste maal ook vergist kon hebben. Wat dan later ook blijkt.

Proef van Prof. Von Liszt.

Prof. Von Liszt, de Duitsche criminalist, nam deze proef op een college: Na afloop der gevoerde discussies over een referaat van het werk van Tarde vraagt hij:

„Wenscht iemand nog iets in het midden te brengen, alvorens ik referent het woord1 geef, om te eindigen r"

Sluiten