Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 41. Vóór het openen worden de stembriefjes geteld en met het getal der kiezers, die blijkens de lijsten stemden, vergeleken.

De briefjes worden, zoo er verschillende bussen te ledigen zijn, ongeopend dooreengemengd.

Art. 42. Bij het openen wordt de inhoud van elk briefje door den Voorzitter overluid voorgelezen, door twee leden der vergadering, door den Voorzitter daartoe aan te wijzen, nagezien en door twee andere leden, evenzeer door den Voorzitter aan te wijzen, opgeteekend

De Voorzitter kan, zoo noodig, meerdere bureaux van stemopneming benoemen, waarvan hij de Voorzitters en de leden aanwijst.

Art. 43. Van onwaarde zijn de briefjes, welke onderteekend zijn; geen persoon duidelijk aanwijzen; niet ingevuld zijn ; of aan andere stembriefjes opzettelijk vastgehecht zijn.

De in eep briefje ingevulde naam van een lid der vergadering, ter wier aanvulling wordt gestemd, welks beurt van aftreding op het tijdstip waarvoor de verkiezing geschiedt, nog niet is gekomen, wordt voor niet geschreven gehouden.

Art. 44. De vergadering in Art. 40 van dit Reglement bedoeld, beslist over de waarde van het briefje, welks geldigheid wordt betwijfeld, terstond nadat het is geopend.

Art. 45. De briefjes, welke meer of minder namen dan er personen te kiezen zijn, inhouden, gelden.

Indien een stembriefje meer dan eens den naam van denzelfden persoon inhoudt, zal het niettemin slechts voor eene stem gelden.

Art. 46. De na het voor de keuze vereischte getal, in een briefje vermelde namen komen niet in aanmerking en worden niet voorgelezen door den Voorzitter, die echter deze omstandigheid bekend maakt.

Sluiten