Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bewegingen der hartkleppen

Uit de bespreking van den bouw van het hart is ons reeds bekend, dat in den linker boezem vier longaderen uitmonden, die in den boezem bloed uit de longen brengen. Trekt zich nu de linker boezem samen, dan wordt dit bloed in de linker hartkamer gestuwd. Bij de samentrekking van de linker hartkamer zou het bloed gedeeltelijk naar den linker boezem terugvloeien, als zich daarbij niet de reeds vroeger vermelde slipvormige kleppen ontplooiden en zich zoo dicht tegen elkaar legden, dat gedurende de samentrekking van de linker kamer deze laatste volkomen van den boezem afgesloten is. Er blijft dus het bloed niets anders over dan bij samentrekking der linker hartkamer in de groote slagader binnen te stroomen, die wij onder den naam aorta hebben leuren kennen.

Volgt nu echter op een samentrekking een verwijding der linker hartkamer, dan zou de mogelijkheid bestaan, dat een deel van het bloed weer uit aorta in de linker hartkamer terugstroomt, als niet de drie ons reeds bekende halvemaanvormige kleppen zich zouden ontplooien en daardoor de gemeenschap tusschen aorta en linker hartkamer verbreken.

Dezelfde omstandigheden bestaan ook voor het rechter hart. De rechter boezem ontvangt bloed uit de beide holle aderen en drijft dit door samentrekking van den boezem in de rechter kamer. Trekt deze zich samen, dan stroomt het bloed van hieruit in de longslagader (zie fig. 3) en kan niet in den rechter boezem terugvloeien, daar zich de slipvormige kleppen uitgespreid hebben. Bij de volgende ontspanning der rechterkamer is een terugvloeien van bloed in het rechter hart

Sluiten