Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aldus in korte trekken de impulsen, die de Grieksche beeldhouwkunst in hare ontwikkeling levenskracht gaven.

Overzien wij hare methoden en tendenzen, dan treft ons de verheven kracht, waarmede deze tot uiting worden gebracht door de groote meesters der opeenvolgende kunsttijdperken.

Aangrijpend in hare grootsche naivetei* is de archaische beginkunst. Schuchter tastend tracht zij den vorm te bemachtigen.

Langzamerhand, door overdraging van geslacht op geslacht, wordt meesterschap in technischen en artistieken >zin verkregen.

In den bloeitenden burgerlijken tijd der Vde eeuw wordt zonder individueel model het beeld opgebouwd naar de mentaa! vastgelegde en geidealiseerde natuurvormen. De naar de aesthetische grondwetten van harmanie en rhythme gecreëerde typen verheffen zich in hun normaliteit boven het tijdelijke, wisselvallige.

Myron, Polycleitos, maar vooral P h i d i a s, de vriend en raadgever van P e r i c 1 e s, zijn de groote meesters van dezen bloeitijd.

In de IVde eeuw, meer psychisch en erotisch gestemd, modelleert de kunstenaar naar vertrouwelijke gevoelswaarneming, de vormen in liefkozing betastend.

Door den fijn begaafden Praxiteles worden 'de verlokkende bevalligheden van het vrouwenlichaam ontbloot. Voor zijn beroemde Cnidische Aphrodite neemt hij Phryne, de schoonste hetaere van zijn tijd, als model. Met innigheid en erotische warmte

Sluiten