Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben ? En toch zoo stelt de mensch het zich voor.

Maar gelijk menige jongeling door schade en schande geleerd heeft, dat zijn vader het toch beter wist dan hij zelf onbezonnen vermoedde, zoo gaat het ook met een volk — indien het dan nog maar leert.

Maar geen vader wordt zoo gewantrouwd als God door den mensch.

De afhankelijkheid van God, het gebonden zijn aan Hem, komt den mensch in zijne blindheid als het meest onverdraaglijk juk voor en eerder zal hij de grootste ellende kiezen dan zich buigen voor den hoogen God, die Zich in Zijn Woord heeft geopenbaard.

Wantrouwen ten opzichte van God is de reden waarom velen in hun dagelijksch beroep gaarne een terrein hebben, waarover zij Gods oog liever niet zien gaan. Maar getuigt dit van rechte kennis van God en van liefde tot gerechtigheid ?

Geen wonder dat eene dienaresse het oog van haren meerdere vreest wanneer zij of den meerdere niet recht kent of niet getrouw is in haar werk. Maar laat er trouw en eerlijkheid zijn, dan wordt het oog van den superieur niet gevreesd.

Al zou God een harde Heer zijn, dan nog zou de Overheid verplicht zijn op geheel haar terrein te vragen naar den wil van haren Superieur; zal zij het nu niet veel meer waar Hij geen harde Heer is, waar Hij lust heeft in weldadigheid en barmhartigheid?

Maar de mensch stort zich in zijne vijandschap tegen God liever zienderoogen in het ongeluk dan zich te onderwerpen aan zijnen God, zoolang hij Hem niet kent. Welk eene beschaamdheid bij den mensch als hij zijnen Schepper leert kennen! En als hij Hem heeft leeren kennen, dan heeft hij voor Hem geen gesloten terrein meer.

Als de verhouding goed is tusschen personen die in nauwe betrekking met elkander staan, dan heeft de een voor den

Sluiten