Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Niet, dat uw eigen vergadering waartoe gij behoort, niet een Kerk is: zij was het en zij is het. Want immers, er bestaat toch niet een sectarisch zich opsluiten in eigen kring zonder de armen verlangend uit te strekken tot de anderen, die betoonen met u van het Lichaam van Christus te zijn! ■— Want immers, er is dooide genade des Heeren wel een waarachtig en oprecht streven in uw Kerk, om te zijn d c vergadering, of om te komen tot de vergadering op de plaats uwer inwoning van alle geloovigen! En er is toch wel in overeenstemming met dat leven hetwelk in de Kerk als zoodanig een vanzelfsheid is, een hartelijk en beslist streven, om tot vereeniging te komen met alle vergaderingen op plaats uwer inwoning, die met uw Kerk uit één wortel der belijdenis leven ! Immers, gij waakt toch wel tegen verslapping, tegen insluimering van deze kostelijke en echt kerkelijke aandrift, — al is ook daarvoor bij dezen en genen wel eens eenig gevaar! Door in dezen nalatig te zijn en door voor deze heerlijke zaak niets meer te gevoelen, zoudt gij gevaar loopen de Kerk des Heeren te verliezen en te ontaarden in e e n zeker, willekeurig gevormd g ezelschap van geloovigen met als vanzelf niet een eigenlijk kerkelijk, maar een bloot sectarisch en separatistisch karakter.

Door te verliezen die zuiver kerkelijke aandrift, door ongevoelig te worden voor den waarachtigen drang die in al de leden woont, naar de eenheid des lichaams, of naar de vorming en openbaring des éénen lichaams, — kan uw Kerk van lieverlede worden een gezelschap gevormd naar m e n s c h e 1 ij k e, in plaats van naar Goddel ij ke verkiezing. Uw Kerk zou in haar samenvoeging of samenstelling, in den grond van gewoon menschelijk maaksel worden, een gezelschap of vereeniging worden van gewoon menschelijke herkomst, die miste het kerkelijk cachet, het eigenlijk kerkelijke, het waar kerkelijke karakter, — bij alle kerkelijk vertoon, dat overigens ook bestaan mocht. Want laat ons dit niet vergeten: hiérin komt de Kerk des Heeren als zoodanig uit, en hierin komt het waar kerkelijke van u w Kerk uit, in het willen omvatten van alle leden van Christus, en dit niet alleen uit liefde tot de andere leden, maar ook hierom, dat het Huis Gods of de Kerk niet anders dan alle leden omvat, en dat zij in haar wezen geenszins gedeeld is, d. w. z. hare leden niet bezit in twee of drie gescheiden lichamen maar in één éénig lichaam.

Sluiten