Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan is die vijandschap vanzelf voorbij, want de theosophie predikt de algemeene broederschap der menschen. Niet om deze na te jagen, als een ideaal, dat men moet trachten te bereiken! Zulk een denkbeeld heeft de theosoof volstrekt niet. „Wij verzekeren, dat de menschheid een broederschap is, en dat wat wij doen moeten is te trachten de menschen er toe te brengen deze broederschap als een feit te erkennen."') Daarom weet de theosophie in elke uiting van het leven het goede te waardeeren en het algemeene te vinden. Zoo worstelt ze door een heg van doornen naar het schoone paradijs der algemeene verbroedering, dat daar uit de verte zijn bloesemgeuren lokkend zendt Zij ontneemt u niet uw bijzondere

eigenaardigheden, maar tracht die te onderschikken aan 't algemeene doel, en slaat dus den zekersten weg in om hare begeerte te verkrijgen. Immers ieder zal dan, het zijne behoudende, daarmee streven naar het algemeene, nu hij ziet, dat t er niet om gaat hem wat hij heeft af te nemen en hem uniform te maken, doch juist om hem met het zijne het algemeene te doen dienen. Dat vrije der theosophie bekoort, want de mensch koestert nog altijd in het diepst zijner ziel het heimwee naar de verloren vrijheid en eenheid van het Paradijs....

Bovendien: wat nog drukt — en dit is mijn vijfde opmerking — zooals het schuldgevoel en de vreeze des doods, neemt de theosophie weg. De zedelijkheid bevorderend, en het verantwoordelijkheidsgevoel prikkelend door de Karmaleer , neemt ze nochtans de benauwende zonde- en schuldgedachte weg, en den dood ontneemt ze zijne verschrikking door de Reïncarnatieleer.

Wat meer is, zij geeft — ten zesde — iets zeer bekoorlijks ervoor in de plaats, nl. het occulte. Zij heeft een exoterisch

') Theosofie en Theosofische Vereeniging, door C. w Leadbeater, 1900. Uitgave van de Theosophisohe Uitgeversmaatschappij, Amsterdam, blz. 2.

Sluiten