Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Theosophie en Christendom. — Is het waar wat de theosophen daarover zeggen? Kan men tegelijk een goed theosooph en een goed Christen zijn? Zelfs: wordt men een beter Christen als men theosooph wordt?

Het antwoord op deze vragen willen wij overwegen. Ook na wat Van Nes in „De nieuwe Mystiek" *), Hoedemakek in zijn bekende „Lezingen" 2) en De la Saussaye in „Onze Eeuw"3) hebben opgemerkt, is er, dunkt ons, plaats voor een beschouwing over dit punt. Een weinig bekendheid met de theosophie wordt door ons bij den lezer verondersteld, wijl anders dit opstel te lang wordt en te zeer herhaalt wat reeds zoo vaak is gezegd. Wie deze kennis geheel mist, leze dus eerst de twee genoemde boeken, of het eenvoudige, goedkoope en duidelijke werkje van Annie Besant: „Vier Voordrachten over Theosophie" 4).

Voor ons onderzoek stellen wij den regel: eerst het algemeene, daarna het bijzondere, en dit laatste alleen in zooverre als het dienen kan tot illustratie van het algemeene. Wij gaan dus eerst na, hoe in t algemeen de verhouding van theosophie en christendom is en zijn moet, en bespreken daarna enkele gedeelten der theosophische leer, vergeleken met de Christelijke. Omdat ons doel niet is een critiek van het stelsel als zoodanig, behoeven wij niet op elk onderdeel in te gaan, doch kunnen ons beperken tot de algemeene beginselen en enkele uitwerkingen daarvan (als voorbeelden), wijl deze de richting aangeven, en dies voor de beoordeeling der twee stelsels, welke wij bespreken, voldoende gelegenheid bieden.

') »Do nieuwo Mystiek" door dr. H. M van Nes. Tweode druk Rotterdam, J. M. Bredée, 1901. Vooral blz. 14—35.

') „Het Zieleleven in verband met de Hedendaagsche Theosophie" door di. lu. J. Hoedemaker. Amsterdam, F. W. Egeling, 1899.

3) „Geestelijke Machten", door prof. dr P. D. Chantepie de la Saussaye, in „Onze Eeuw" van September 1903.

4) Theosophische Uitgeversmaatschappij, 1898. Prijs f 0.60, gebonden.

Sluiten