Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deze beschouwing volgen: „mais Mme Kingsford se fait une grande illusion, si elle s'imagine pouvoir demeurer chrétienne avec un pareil programme. Le Christianisme a sa base dans la foi en un Dieu personnel, créateur du eiel et de la terre, indépendant de la nature, qu'il a tirée du néant et qu'il gouverne par des lois dont il est 1'auteur et le souverain maitre. Tout personnel, tout indépendant qu'il soit de sa création, ce Dieu n'en est pas moins 1'infini réel, 1'éternelle réalité, le seul vrai vivant, devant qui tout le reste est comme s'il n'était point. Or, le Dieu de la Théosophie, comme je le dirais en tête de ce travail, n'a rien de commun avec celui-la; il en est plütot 1'antagoniste de principe, le Satan " (blz. 56).

Dit oordeel moeten wij onderschrijven. Zoomin als men tegelijk theïst en pantheïst kan zijn, zoomin kan men tegelijkertijd christen en theosoopli wezen. Hier reeds, bij het Godsbegrip, ligt het punt, waar men kiezen moet. En: „entre ces deux il y a un abime, que le christianisme ne peut franchir sans cesser d'être ce que 1'a fait son principe, une religion extranaturelle, pour devenir une religion de nature.' (Baissac blz. 57).

Omdat de theosophie pantheïstisch is, doodt zij allo religie. De theosophen hebben 't prof. Ciiantepie de la Saussaye zeer kwalijk genomen, dat hij in zijn oordeel over de theosophie1) gezegd heeft: „God is dood en het gebed een illusie. Sciiüver vindt dit „een mooie machtspreuk voor een peroratie, doch die geen enkele theosooph zal onderschrijven." 2) En de redactie van „Theosophia" verklaarde, dat dit „den theosoof wondervreemd in de ooren moet klinken."3) Wel kunnen eenige uitlatingen van H. P. B. aanleiding geven tot deze gedachte: „maar eene nauwkeurige lezing doet ons aanstom s zien, dat Mevr. Blavatsky te velde trekt tegen het geloof aan'een anthropomorphen, persoonlijken God, tegen een God

*) a. w. blz. 443.

2) a. w. blz. 20.

3) Jaarg. 12, N°. 6, Oct. 1903, blz. 327.

Sluiten